Boekgegevens
Titel: Hebt de dieren lief!: een leesboekje voor kinderen
Deel: Tweede stukje
Auteur: Pyttersen, H.
Uitgave: Sneek: J. Campen, 1858
2e verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4367
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200726
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hebt de dieren lief!: een leesboekje voor kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
62
Maar zou 't kind wel boter wezen ,
Als 't in zijde is opgetooid,
En het kleed met lint en strikken
Golvend om de leden plooit;
Dan wanneer men om zijn lijfje
Slechts^ oen schamel kleedje trekt,
Dat het naauwlijks voorde koude,
Of voorwind en regen dekt?
Neen, het kleed maakt ons niet beter.
Maar alleen een vroom gemoed;
't Zij ons zijde of pij slechts dekke;
„ H Harte rein , " dan is het goed. —
XXVII. De Wormen.
„Ah ge een hruipend icormpje ziet,
„ Mijdt het, maar vertreedt het niet."
Wel neen! wie zoude daar ook lust
in hebben? Nu, er zijn Avel zulke kin-
deren, die vermaak scheppen in het
martelen van dieren; maar gij gewis
niet! — En als gij aan het nut dezer
diertjes denkt, dan doet gij het ze-
kerlijk nimmer. Wel waartoe dienen
de wonnen dan? Ik zal het u zeggen.