Boekgegevens
Titel: Hebt de dieren lief!: een leesboekje voor kinderen
Deel: Tweede stukje
Auteur: Pyttersen, H.
Uitgave: Sneek: J. Campen, 1858
2e verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4367
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200726
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hebt de dieren lief!: een leesboekje voor kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
45
U voor 't plagen dood te slaan 1
Dan was 't toch met u gedaan.
Maar wiens schuld is H, dat, van luiten,
Gij in mijne hamer zijtl —
Opende ik niet H venster wijd.
En vergat het straks te sluiten?
'k Heb mij zelf door u geplaagd;
Eigen schuld wordt niet beklaagd,
'k Zal voortaan bedachtzaam wezen.
En naauwkeurig, goed en wel.
Gadeslaan het luchtgestel',
'k Heb dan van u niets te vreezen;
Weet gij wat ik morgen doe?
'k Sluit in tijds mijn kamer toe.
XIX. De Mieren.
Niet minder ijverig werkzaam dan
de bij, is de mier. Onophoudelijk ziet
gij deze diertjes bezig. Verscheidene
duizende leven er gezamelijk in
één nest, dat wezenlijk kunstig ge-
maakt is. Hebt gij wel eens een mie-
rennest gezien? In de bosschen en
tuinen vindt men ze niet schaars. Met