Boekgegevens
Titel: Hebt de dieren lief!: een leesboekje voor kinderen
Deel: Tweede stukje
Auteur: Pyttersen, H.
Uitgave: Sneek: J. Campen, 1858
2e verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4367
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200726
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hebt de dieren lief!: een leesboekje voor kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
11
Men vangt den aal en paling in net-
ten; maar ook wel aan eenen hengel,
die men, op eene bijzondere Avijze, van
aas voorziet, en dan den laten avond of
nacht uitkiest, als den geschiktsten tijd
tot visschen. Wind, weder en stroom
moeten' hiertoe evenwel dienstig zijn,
zal de vangst goed slagen. — Gezonde
en' sterke menschen vinden den aal
en paling een aangenaam voedsel, het
zij men ze stooft of kookt; ook laten
ze zich, gerookt of in zuur gezet,wel
gebruiken.— Opmerkelijk is het hoe
spoedig deze dieren weten, wanneer
het weder veranderen zal; onrustig
zwemmen zij heen en weder, als het
onstuimig zal worden. Bij bestendig en
fraai weder zijn zij rustig en stil.
Hierop, let ook de visscher als hij uit-
gaat te visschen.—
Aal is goed voor een maal; maar ik
draag liever steenen, dan dat ik ze eet —
Kunt gij dit verklaren?
Aaltjeat'taaltje , papathaarman ,
'tz wartr am atho oi.
Kunt gij dit wel lezen?