Boekgegevens
Titel: Hebt de dieren lief!: een leesboekje voor kinderen
Deel: Tweede stukje
Auteur: Pyttersen, H.
Uitgave: Sneek: J. Campen, 1858
2e verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4367
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200726
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hebt de dieren lief!: een leesboekje voor kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
10
III. De Aal en de Paling.
De aalen de paling gelijken meer
op slangen dan op visschen. Een
lang, rolrond ligchaam doet hen dui-
delijk kennen,— Het kost moeite om
ze in handen te honden, en van hun-
ne huid te ontdoen, zoo glad zijn zij,
en zoo kronkelen zij zich om den
arm. Hunne schubbetjes zijn zoo klein,
dat men ze, met het bloote oog, niet
zien kan, en hunne huid is verwon-
derlijk taai: waarom men ze daarvan
ontdoet, vóór men ze eet. Deze huid
gebruikt men totbanden aan de dorsch-
vlegels. — De aal en paling kunnen
lang leven; als men ze toemaakt en
in mootjes - snijdt, geven ze, bij de
minste prikkeling, nog lang daarna,
teekenen van leven. — Wanneer het
weder koel is kunnen ze, langer dan
menige visch, buiten het water leven;
ja zelfs kruipen ze, niet zelden, over
de landen heen, om van de eene sloot
in de andere te komen. Zijn zij bij stren-
ge koude bevroren, dan komen ze, na
eene zachte ontdooijing, weder bij.—