Boekgegevens
Titel: Handboek tot het voeren van Engelsche gesprekken, bevattende de meest gebruikelijke uitdrukkingen welke in den dagelijkschen omgang voorkomen
Auteur: Gunn, C.H.; Clairmont, K.G.
Uitgave: Amsterdam: G. Theod. Bom, 1861
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-220
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200695
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handboek tot het voeren van Engelsche gesprekken, bevattende de meest gebruikelijke uitdrukkingen welke in den dagelijkschen omgang voorkomen
Vorige scan Volgende scanScanned page
55
The fruit trees are all in
blossom.
Let us first look at the flow-
ergarden.
Then we will visit the kitck-
engarden.
First of all I must show you
the shrubbery .
Let us go round the lawn.
All country houses in England
have a lawn.
The breakfast parlour usually
opens on the lawn.
A lawn is a beautiful close-
shorn grass-plot, just be-
fore the house.
As the climate in England is
rather damp, we don't culti-
vate high trees in the imme-
diate vicz'nity of the dwelling.
They would j-ender the atmos-
phere cold and gloomy.
Their place is suppZzed by a
variety of smaller, flowering
trees and plants , such as
laurels, accacias, lilacs, red
hawthorn, /ioneysuckles ,
etc. etc.
They are planted round, some-
times also intersecting the
lawn , and constitute what
we call the shrubbery.
»Serpentine paths produce a
much more beautiful ef/ect
than straight ones.
As the English pass a conside-
rable part of the winter
in the country, the shrub-
bery always contains a
A1 de vruchtboomen bloeijen.
Laat ons eerst den bloem-
tuin gaan zien.
Dan zulleu wij den moestuin
bezoeken.
Allereerst moet ik u het plant-
soen laten zien.
Laat ons om het grasperk
gaan.
Bij alle buitenplaatsen in En-
geland is een grasperk.
Dc ontbijtkamer heeft gewoon-
lijk het uitzigt op het gras-
perk.
Een »lawn" is een schoon, kort
gemaaid grasperk, vlak voor
het huis.
Daar het klimaat in Engeland
eenigzins vochtig is, zet
men in de onmlddelijke na-
bijheid van de woonhuizen
geen hooge boomen.
Zij zouden de lucht koud en
vochtig maken.
Hun plaats wordt ingeno-
men door vele kleine, bloei-
jende boomen en planten,
als laurieren, acaciaas, sy-
ringen, roode hagedoorns,
kamperfoelie, enz. enz.
Deze zet men rondom het
»lawn" en somtijds zoo, dat
zij het doorsnijden en dat-
gene uitmaken wat men
shrubbery noemt.
Slinger-paden doen een veel
schoonere werking dan regte.
Daar de Engelschen een groot
gedeelte van den winter op
het land doorbrengen, be-
vat de shrubbery altijd een
i