Boekgegevens
Titel: Handboek tot het voeren van Engelsche gesprekken, bevattende de meest gebruikelijke uitdrukkingen welke in den dagelijkschen omgang voorkomen
Auteur: Gunn, C.H.; Clairmont, K.G.
Uitgave: Amsterdam: G. Theod. Bom, 1861
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-220
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200695
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handboek tot het voeren van Engelsche gesprekken, bevattende de meest gebruikelijke uitdrukkingen welke in den dagelijkschen omgang voorkomen
Vorige scan Volgende scanScanned page
38
Is it known who comjnzVted
the theft?
He made his /ortune b_y usury.
She has an unconfroZlable lik-
ing for g'ossiping.
What a shocking hah\i he has
of swearing!
lie's always ill humoured.
CHAP. X.
DRESSING.
Men's Dress.
Give mo mj mo?-ning-gown
and sfcppers.
Bring me my hair-brush and
comb.
Where is my oil? I don't see
my tooth-brush.
Have j'ou brought rae the po-
matum ?
There's no tooth-pou-'der in the
box,
I must have my hair cut.
Bring the curling-zrons and
curl my hair.
You may also clip my whis-
kers a Utile.
Fetch me some hot sAaving
woter.
I don't want a harher; I al-
ways shave myself.
Where are my razors and
strop?
This razor is dtill; strop it
a Zittle.
The edge is quite worn away,
it must be ground; it doesn't
cut at all, I must set it.
It has two notches in it; send
it to the grinder's.
Is het bekend wie den dief-
stal beging?
Hij maakte zijn fortuin door
woeker.
Zij heeft een onweêrstaanba-
ren lust tot snappen.
Welk een stuitende gewoon-
te om te vloeken heeft hij.
Hij is altijd in een slecht hu-
meur.
HOOFDSTUK X.
KLEEDING.
Kleeding voor Mannen.
Geef mij mijn morgenkleed en
pantoffels.
Breng mij mijn haarborstel
en kam.
Waar is mijne olie? Ik zie
mijn tandborstel niet.
Hebt gij mij de pomade ge-
bragt ?
Er is geen tandpoeder in de
doos.
Ik moet mijn haarlatensnijden.
Breng het krulijzer en krul
mijne haren.
Gij moet mijn bakkebaarden
ook een weinig afsnijden.
Haal mij wat warm water om
te scheren.
Ik heb geen barbier noodig;
ik scheer mij altijd zelf.
Waar zijn mijn scheermessen
en scheerriem ?
Dit scheermes is stomp; zet het
wat aan op den scheerriem.
De snede is er geheel af; het
moet geslepen worden; het
snijdt in het geheel niet, ik
moet het op den steen slijpen.
Er zijn twee scharen in; zend
het naar den slyper.