Boekgegevens
Titel: Theorie der rekenkunde ten behoeve van inrichtingen van middelbaar en van kweekscholen voor onderwijzers
Auteur: Greidanus, Tjardus
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1900
3e, verm. en verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2943
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200694
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Theorie der rekenkunde ten behoeve van inrichtingen van middelbaar en van kweekscholen voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
43
Zij X het grootste getal dat met 7,12 vermenigvuldigd nog van
34,705 kan afgenomen worden, dan is
7,12X3; = of < 34,705.
Door beide leden met 100 te vermenigvuldigen, is dan ook
712 Xa; = of < 3470,5
en is X dus ook het grootste getal dat met 712 verm. nog van 3470,5
712/34705\ afgenomen worden. Het getal
is meer dan 4 maar minder dan 5.
71 2/ 34705 \4 87
^¥2 2 5 ^^ ^^ nemen, blijft er 622,5 of 6225
^ g g g tienden over. Indien het quotient
—52 9 0 ^ tiende bevatte, zou het
deeltal 712 tienden moeten hebben;
—^^ het bevat 6225 tienden, dus zooveel
maal 712 tienden van 6225 tienden
kan afgenomen worden zóóveel maal heeft het quotient 1 tiende; dat
is 8 maal, dus bevat het quotient ook nog 8 tienden, enz. evenals
in nO. 83.
We zien dus, dat men het deelen door een tiendeelig getal terug-
brengt tot het deelen door een geheel getal door deeltal en deeler
met zulk een term der schaal te vermenigvuldigen, dat de deeler een
geheel getal wordt.
85. Daar de bewerkingen met tiendeelige getallen dezelfde zijn als
met geheele getallen, laten zich in andere talstelsels de bewerkingen
met de a-deelige getallen ook evenzoo verrichten als met geheele ge-
tallen, en kan het dus onnoodig geacht worden daar verder over
te spreken.
HOOFDSTUK VIII.
OVER DE DEELBAARHEID, DEN GROOTSTEN GEMEENEN DEELER EN
HET KLEINSTE GEMEENE VEELVOUD.
86. Wanneer de deeling van een getal in een ander opgaat, zegt
men dat het eerste deelbaar is op het tweede, en noemt men het
eerste getal een deeler of factor van het tweede, en dit laatste een
veelvovd van het eerste.