Boekgegevens
Titel: Theorie der rekenkunde ten behoeve van inrichtingen van middelbaar en van kweekscholen voor onderwijzers
Auteur: Greidanus, Tjardus
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1900
3e, verm. en verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2943
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200694
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Theorie der rekenkunde ten behoeve van inrichtingen van middelbaar en van kweekscholen voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
28
Zij als tweede voorbeeld 896 in het twaalftallig stelsel te dee-
len in 794^}869, dan hebben we:
896/794p869\p75g
78gO 8 gaat in 79 (= drie en negentig) q maal,
"55^8 maar 896X9 = 8086, dus te groot; het
5166 eerste cijfer van het quotiënt is dus p. Na
442 6 vermenigvuldiging en aftrekking krijgt men
37^6 896 te deelen op 55p8; 8 op 55 (= vijf en
8309 zestig) gaat 8 maal, maar 896 X 8 = 5p40,
8086 te groot, en dus probeeren we of het tweede
243 cijfer 7 kan zijn. Enz.
HOOFDSTUK VI.
EIGENSCHAPPEN EN HERLEIDINGEN VAN REKENKUNDIGE VORMEN.
50. Wanneer eenige getallen naast elkander zijn geplaatst met de
teekens + of — tusschen elke twee getallen, bijv.:
25-8 + 37- 16-13 + 59,
dan beteekent dit, dat men het eerste getal moet verminderen met
het tweede, bij dit verschil het derde moet optellen, van deze som
het vierde aftrekken, enz., elk volgend getal bij de reeds verkregen
uitkomst optellen of aftrekken, naar gelang vóór dit getal het teeken
+ of — staat.
Om voor te stellen dat eenige getallen, producten of quotienten
met elkander moeten worden vermeerderd of verminderd, plaatst men
die naast elkander met het teeken voor optelling of aftrekking tus-
schen beiden. Zoo beteekent:
83 - 4 X 7 + 11 X 23 - 47 - 48 : 6,
dat het getal 83 moet verminderd worden met het product van 4 en
7, dit verschil vermeerderd met het product van 11 en 23, van deze
som 47 afgetrokken en eindelijk dit verschil verminderd met het
quotiënt van 48 gedeeld door 6.
Elke dusdanige uitdrukking en in het algemeen elke uitdrukking,
waarbij een rekenkundige bewerking wordt aangewezen, noemt men
een rekenkundig en vorm of kortweg vorm- De getallen, producten of
quotienten, die opgeteld of afgetrokken moeten worden, noemt
men termen. Het zijn dus alleen de teekens + en —, die het aantal
termen bepalen. Zoo bevat de laatste vorm 5 termen.