Boekgegevens
Titel: Theorie der rekenkunde ten behoeve van inrichtingen van middelbaar en van kweekscholen voor onderwijzers
Auteur: Greidanus, Tjardus
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1900
3e, verm. en verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2943
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200694
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Theorie der rekenkunde ten behoeve van inrichtingen van middelbaar en van kweekscholen voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
22
Met behulp dezer tafel wordt nu de vermenigvuldiging verricht,
waarbij men telkens voor de vermenigvuldiging van een cijfer van
het product in de tafel opzoekt. Zoo vindt men voor 4X5 in de
tafel 32; de 2 schrijft men neer en de 3 wordt gevoegd bij het product
van 4 met 3 of 20. Het mag overbodig geacht worden de bewerking
verder te verklaren.
40. In plaats van eerst voor elk talstelsel een tafel van vermenig-
vuldiging te maken, kan men ook telkens elk product (van een cijfer
van 't vermenigvuldigtal met een cijfer van den vermenigvuldiger) in
het tientallig stelsel vormen, en dit dan onmiddellijk overbrengen in
het betrefiende stelsel.
Voorbeeld. 513760524 vermenigvuldigen met 70365 in het acht-
tallig stelsel,
5137 60524 ^^^ twintig of 24; 5x2 is tien en 2 is
70365 twaalf =14; 5 X 5 is vijfentwintig en 1 is zes-
° entwintig = 32; 5X6 is dertig = 36; 5X7 is
31T3663244
'>334705730 vijfendertig en 3 is achtendertig = 46; 5 X 3 is
442 36245140 vijftien en 4 is negentien = 23; 5 X 1 is 5 en
44265010102544 ^ '' f..^ ^ ^^ vijfentwintig = 31 Het tweede
gedeeltelijke product is volgens de bekorting,
waarop in no. 38 is gewezen, verkregen, door het eerste met 6 te
vermenigvuldigen , omdat 36 = 6 X 5 is. Daarna de vermenigvuldiging
met 7, waarna de drie producten, behoorlijk onder elkander geplaatst.
worden samengeteld.
HOOFDSTUK V.
DE VIERDE HOOFDBKWKRKINCi DER GETALl.KN.
41. Door vermenigvuldiging van 17 met 8 is liet getal 136 ontstaan,
hetwelk dus bestaat uit 8 groepen van 17. Stellen we ons nu voor,
dat omgekeerd van het het getal 136 bekend is, dat het uit groepen
van 17 is samengesteld, dan kan de vraag zijn naar het aantal dezer
groepen. Daar dan
136 = 17 + 17 + 17+.......
is, zoo zal men het gevraagde aantal kunnen verkrijgen door van 136