Boekgegevens
Titel: Theorie der rekenkunde ten behoeve van inrichtingen van middelbaar en van kweekscholen voor onderwijzers
Auteur: Greidanus, Tjardus
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1900
3e, verm. en verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2943
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200694
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Theorie der rekenkunde ten behoeve van inrichtingen van middelbaar en van kweekscholen voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
213
Op dit beginsel berust een tweede kenmerk voor de deelbaarheid
door een priemgetal: het kenmerk door optelling.
Onderzoeken we op deze wijze, of het getal 2 3 4 9 7 8 deelbaar is
door 13.
Wij tellen bij het getal 234978 een veelvoud van 13 op, zoo-
danig dat het laatste cijfer van de som O wordt. Dat is hier bijv.
4 X 13 of 52;
2 3 4 9 7 8
52
2 3 5 0 3 0
Is nu 234978 een veelvoud van 13, dan is 2 3 5030 dit ook,
maar dan moet het tiende deel van dit getal ook door 13 deelbaar
zijn, omdat 10 onderling ondeelbaar is met 13. Het oorspronkelijke
getal zal dus al of niet deelbaar zijn door 13, naargelang 2 3503
zulks al of niet is. Met dit getal zetten we de bewerking voort en
tellen er dus nu een veelvoud van 13 bij op, dat op 7 eindigt, bijv.
9X13 of 117; dit geeft:
23503
1 1 7
23620
Op dezelfde wijze redeneerende vinden we, dat het oorspronkelijke
getal door 13 deelbaar zal zijn, als dit het geval is met 2 36 2,
waarmede we alzoo dezelfde bewerking voortzetten.
2362
_
2440
26
2 7|0.
Daar 27 niet deelbaar is door 13, is het oorspronkelijke getal dus
evenmin een veelvoud van 13. De geheele bewerking wordt aldus:
2 3 4 9 7 8
__^
2 3 5 O 3|0
1 17|
23620
_T_8
2440
26
2 7|0.