Boekgegevens
Titel: Theorie der rekenkunde ten behoeve van inrichtingen van middelbaar en van kweekscholen voor onderwijzers
Auteur: Greidanus, Tjardus
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1900
3e, verm. en verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2943
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200694
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Theorie der rekenkunde ten behoeve van inrichtingen van middelbaar en van kweekscholen voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
154
de som 8764 vermenigvuldigen we met 8 en trekken dit product af
van 't getal 71405, achter welke rest we dan de drie volgende cijfers
van het opgegeven getal plaatsen. Om het volgende cijfer van den
wortel te krijgen, moeten eerst 3X58 en 3X58' gevonden worden.
Hiertoe tellen we in de kolom links 2X8 of 16 bij 158 op, en in
de tweede kolom 8' of 64 op bij 1264 en 8764, waardoor we 3X58
= 174 en 3 X 58' = 10092 krijgen. En zoo gaat men voort.
247. Het kan voorkomen, dat een of meer cijfers van den wortel
O is. In dit geval vervalt het vermenigvuldigen en dus ook het aftrek-
ken, en kan men terstond de cijfers van het volgende vakje aan de
rest toevoegen. Als voorbeeld zij te trekken i?/17586410296425.
IK 1 7/5 8 6/4 1029 6/4 25 = 26005
6 6 1 2 2'= 8
396
78005 15 96
36
9586
9576
104102 96425
20280000 1014195012 5
390025 268346300
2028390025
Na op de vroeger besproken wijze de beide eerste cijfers 26 bepaald
te hebben, vormen we 3 X 26 = 78 en 3 X 26' = 2028 (honderdtallen),
en dit laatste, gedeeld op de honderdtallen van het getal 10410, geeft
het cijfer 0. We plaatsen daarom terstond de cijfers 296 achter de
vorige rest 10410 en O achter 78 en 00 achter 2028, waardoor we
3 X 260 = 780 en 3 X 260' = 202800 krijgen. Dit laatste deelen we weer
op de honderdtallen van 't getal 10410296, en krijgen weer O tot
quotiënt. De volgende drie cijfers 425 schrijven we daarom weer dadelijk
achter het laatste getal, en plaatsen O achter 780 en 00 achter 202800;
daardoor hebben we 3X2600 = 7800 en 3 x 2600'= 20280000. Dit
laatste deelen we weer op de honderdtallen van 't getal 10410296425,
en krijgen 5 als quotiënt, dat nu het volgende cijfer van den wortel
kan zijn. De bewerking wordt even als vroeger voortgezet.
248. Men vindt de derdemacht van een breuk, door de derdemacht
van den teller te deelen door de derdemacht van den noemer. Om een
gemengd getal tot de derdemacht te brengen, herleiden we het eerst
tot een onechte breuk, en bepalen dan de derdemacht hiervan. Dit
geeft een onechte breuk, die we dan weer tot een gemengd getal te-
rugbrengen. Omgekeerd zal men den derdemachtswortel uit een breuk
trekken, door den derdemachtswortel uit den teller te deelen door den
derdemachtswortel uit den noemer en den derdemachtswortel uit een
gemengd getal, door dien wortel te trekken uit den teller en den noemer