Boekgegevens
Titel: Overal heen!: een reisje de wereld rond met de laarzen van den reuzeman: kleine bijdragen tot bevordering van natuur-, landen- en volkenkennis
Auteur: Goeverneur, J.J.A.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff & M. Smit, 1873
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-205
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200667
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Overal heen!: een reisje de wereld rond met de laarzen van den reuzeman: kleine bijdragen tot bevordering van natuur-, landen- en volkenkennis
Vorige scan Volgende scanScanned page
89
haar natuurUjk element weder te bereiken, dan sleept zij
gewoonlijk eenigen harer bespringers, die zich in hare
harde horenhuid hebben vastgebeten, mee en doet hen
den dood door verdrinken ondergaan.
Sajib en Ali, mijne Maleiers, waren onderwijl, op den
grond rondzoekende, nu hier- dan daarheen gestapt. Ein-
delijk schenen zij iets gevonden te hebben; want zij
wenkten mij, hen te volgen. Het was het breede,
versch in het zand geprente spoor eener zeker buitenge-
woon groote schildpad, dat zij nagingen. Het liep bijna
lijnrecht van het strand tegen de hoogte op- Daar aan-
gekomen, wierpen de Maleiers zich op den grond en
begonnen dien met hunne krissen op te woelen. En het
duurde niet lang, of het nest was gevonden. Witte,
weeke, ronde dingen kwamen te voorschijn: schildpadden-
eieren, ter grootte van een duivenei, maar kogelrond en
alleen met eene perkamenten huid omgeven. Ze kwamen
in een' zak, dien de Maleiers om den hals droegen.
Nog meer nesten werden gevonden en uitgehaald. In
het eerste waren over de honderd stuks geweest. Deze
eieren zijn even smakelijk als voedzaam. Bij de Ghinee-
zen vooral gelden zij voor eene groote lekkernij en worden
zeer duur betaald. Wij hadden er dien avond een heer-
lijke struif van."
47. ARABIE, HET LAND VAN DEN KOFFIEBOOM.
Yan waar de koffie afkomstig is? Op die vraag wijst
men ons naar het heete Arabië. Arabië, van oudsher
het land der kruiderijen en specerijen, is ook het moe-
derland van den koffieboom, die vandaar naar Klein-
Azie (de Levant), naar Oost- en West-Indië verplant en
in deze verschillende luchtstreken meer of minder inheemsch
geworden is. De beste boonen komen onbetwistbaar uit
Arabië, en de Mokka- en Adenkoffie zijn niet ten onrechte
iberoemd. Na deze staat de Levantsche het meest in
aanzien, op welke in deugd die van Java volgt, terwijl