Boekgegevens
Titel: Overal heen!: een reisje de wereld rond met de laarzen van den reuzeman: kleine bijdragen tot bevordering van natuur-, landen- en volkenkennis
Auteur: Goeverneur, J.J.A.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff & M. Smit, 1873
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-205
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200667
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Overal heen!: een reisje de wereld rond met de laarzen van den reuzeman: kleine bijdragen tot bevordering van natuur-, landen- en volkenkennis
Vorige scan Volgende scanScanned page
50
het weer tot adem komen en brengt het mak en gedul-
dig terug.
27. DE KWIKZILVERMIJNEN BIJ iDRIA.
Mocht gij in Karinthië of Krain komen, verzuim dan
niet, de daar bij het stadje Idria gelegen kwikzilver-
mijnen te bezoeken. Dat metaal werd er eerst in 1497
door een' boer ontdekt, die eenige nieuw gemaakte vaten
met water uit een beekje gevuld had. Toen hij dit water
uitgoot, zag hij eene zilverkleurige vloeibare stof op den
bodem liggen, waarmee hij bij een' goudsmid ging, om
haar te laten onderzoeken. Spoedig vormden zich ver-
eenigingen tot opsporing van het kwikzilver en in 1578
gingen de mijnen in het bezit van de Oostenrijksche
kroon over. Van hoeveel gewicht zij zijn, zal men be-
grijpen, als men bedenkt, dat buiten Idria alleen bij Al-
maden in Spanje het kwikzilver in dien overvloed gevon-
den wordt.
Na toegang gevraagd en ons in een mijnwerkerspak
gestoken te hebben, gaan wij eene der mijnen in, waar
over de zevenhonderd en van leuningen voorziene steenen
treden zonder eenig gevaar naar de diepte leiden. De
temperatuur is er overal vrij hoog; men ademt eene be-
dompte, zwoele lucht, als in eene broeikast, in en op
sommige plaatsen is de dampkring zoo bedorven, dat
een licht er dadelijk uitgaat. Over het geheel is het werk
zeer ongezond voor de arbeiders, die er op hun veertigste
jaar reeds als afgeleefde grijsaards uitzien: een natuurlijk
gevolg van de verderfelijke werking der zwaveldampen en
van de fijne kwikzilverdeeltjes, die de lucht vervullen
en door de poriën der huid in het lichaam dringen. Zel-
den vindt men het kwikzilver in gedegen toestand; meest
ligt het in den vorm van fijne bijna onzichtbare bolletjes
in de lagen van het zeer losse gesteente verborgen. Wan-
neer men erts uitbreekt, vallen er altijd van zulke drop-
peltjes uit, die zich op den bodem tot grooter droppels