Boekgegevens
Titel: Overal heen!: een reisje de wereld rond met de laarzen van den reuzeman: kleine bijdragen tot bevordering van natuur-, landen- en volkenkennis
Auteur: Goeverneur, J.J.A.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff & M. Smit, 1873
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-205
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200667
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Overal heen!: een reisje de wereld rond met de laarzen van den reuzeman: kleine bijdragen tot bevordering van natuur-, landen- en volkenkennis
Vorige scan Volgende scanScanned page
58
besteden al hunne spaarpenningen, om dat te vergrooten.
Dit maakt, dat zoowel de kapitein als de bemanning voor
het behoud van het schip de meest mogelijke zorg draagt
en er belang bij heeft, dat dit recht veel verdient, daar
dit hun zeiven voordeel aanbrengt. Verzekerd of geassu-
radeerd is zulk een schip zelden of nooit, daar de kapiteins
dit voor eene zekere lafhartigheid houden en in zulke
gevallen plegen te zeggen: »Hij durft op zee niet op
zijn eigen' voeten staan." Verongelukt dus het schip,
dan hebben kapitein en volk dikwijls bijna hun gansche
vermogen verloren. In zulk een geval vertoont het ka-
rakter der Vischlanders zich nochtans in zijn gunstigst
licht. Zij rusten niet, voordat zoo veel bij elkander
gebracht is, dat de kapitein weer een nieuwen bodem en
daaraan een part krijgt. Dit alles dient zeer, om de
Rostocker schepen, en vooral die met Vischlanders tot
kapiteins, in vreemde havens algemeen welkom te maken
en hun zoo licht lading te verschaffen, wijl de bevrachter
de overtuiging heeft, dat gezagvoerders zoowel als equipage
reeds uit eigen belang alles aanwenden, om hem op iedere
wijze tevreden te stellen.
Niettegenstaande de schraalheid en barheid van dit
landje wonen hier dus zulke gelukkige, wakkere en acht-
bare menschen, als op eenig ander punt der wereld.
Het land geeft hun weinig, maar des te meer de wijde
onmetelijke zee.
32. DE RUSSISCHE OOSTZEE PROVINCIES.
De hemel is hier met de verdeeling zijner gaven spaar-
zaam geweest; want de landstreek vertoont zich over het
geheel vlak en effen; de plantengroei biedt weinig ver-
scheidenheid aan, en zelfs de menschen zijn in woning
en kleeding sober bedeeld.
De winter is zes maanden lang, rijk aan stormen, ijs,
sneeuw en koude vorstdagen. De zomer is kort en heet.
De herfst is donker, mistig en regenachtig. Eene jeugdige