Boekgegevens
Titel: Overal heen!: een reisje de wereld rond met de laarzen van den reuzeman: kleine bijdragen tot bevordering van natuur-, landen- en volkenkennis
Auteur: Goeverneur, J.J.A.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff & M. Smit, 1873
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-205
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200667
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Overal heen!: een reisje de wereld rond met de laarzen van den reuzeman: kleine bijdragen tot bevordering van natuur-, landen- en volkenkennis
Vorige scan Volgende scanScanned page
20
er geenszins gebrek was aan boerenhutten, maar dat
deze aan het oog ontsnapten, omdat ze van dezelfde kleur
waren als de grond. Ik zag toen ook werkelijk, dat op
vele plaatsen de hutten als bijenkorven op elkander ge-
drongen stonden en leerde ze later nauwkeurig kennen.
De meesten zijn de ellendigste woningen voor menschelijke
wezens, die men zich verbeelden kan. Hare muren zijn
slechts van leem en ruwe steenen opgetrokken en gewoon-
lijk zoo bouwvallig, dat er aan alle zijden steunpalen
noodig zijn. Het dak is van stroo, waarop hier en daar
eenige steenen liggen, die uit den hemel schijnen geregend
te zijn. Op het eene einde van het dak staat een korf,
gevlochten uit wilgetakken, die een schoorsteen verbeelden
moet. Bij vele hutten dient deze schoorsteen, waarin
soms door de wolken van dikken turfrook eene matte
zonnestraal valt, tevens tot venster; want zij hebben uit-
genomen deze geene andere opening dan de deur, die
uit eenige ruwe planken bestaat.
De bewoners van zulk eene hut zijn gewoonlijk de
volgende: De regeerende huisvrouw in eene eenvoudige
(hoogst eenvoudige!) kleeding zit den halven dag voor de
huisdeur te spinnen; de kinderen loopen half naakt buiten
om; de man is op het veld met zijn dagwerk bezig.
De belangrijkste bewoners van het leemen paleis zijn de
koe, die helaas! niet in alle hutten woont, en het zwijn.
Dit ontbreekt nooit. Het heeft zijn' trog altijd bij de naaste
deur en wordt, bij koud weder , ook wel mee in de hut
genomen. De familie wordt voltallig gemaakt door den
haan en een paar hoenders, die op den mesthoop zitten of
op het dak rondkuieren en dan hun' snavel, om zich te
warmen, in den korf steken, die den schoorsteen voorstelt.
De meubels bestaan in een bed, eene tafel en eenige
gebroken stoelen. Gewoonlijk hangt het bont gekleurde
beeld van Sint Patrik of van een ander heilige aan den
wand en staat daar tegenover een tafeltje met gebroken
kopjes en schoteltjes. De hoenders worden om der eieren
wil gehouden, welke men ter markt brengt. Het varken
wordt met den afval en de schillen der aardappelen vet-
gemest, om daarna verkocht te worden.