Boekgegevens
Titel: Wis- en werktuigkundig rekenboek, naar aanleiding van het volks wis- en werktuigkundig leer- en leesboek des heeren J.W.L. van Oordt
Auteur: Gouka, Abraham
Uitgave: Middelburg: Gebroeders Abrahams, 1847
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-204
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200666
Onderwerp: Werktuigbouwkunde: werktuigbouwkunde: algemeen
Trefwoord: Wiskunde, Werktuigbouw, Mechanica, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Wis- en werktuigkundig rekenboek, naar aanleiding van het volks wis- en werktuigkundig leer- en leesboek des heeren J.W.L. van Oordt
Vorige scan Volgende scanScanned page
61
terwijl ieder der 4 draden 4 keeren rondgaan. Als
de duigen aan de spil 3 duimen breed zijn, dan
vraagt menr a. hoe groot de oppervlakte is, waar-
over het water loopt; b. hoe veel duigen men voor
dezen vijzel noodig heeft; en c. hoe veel breedte de
duigen aan de buitenschroeflijn moeten hebben.
14. Over de beweging van ligchamen op horizon-
tale en tegen verticale vlakken, waarbij de
wrijving in rekening gebragt is.
Lees hier over v. O. bl. 170—179.
1. Op eenen steen, die met 40 ffi kracht wordt
voortgesleept, legt men eenen tweeden van gelijke
zwaarte. Hoe groot is de benoodigde magt om de
beide steenen voort te slepen ?
2. Eene slede, beladen met 80 kazen van gelijke
zwaarte, wordt met 60 ffi kracht voortgetrokken.
Indien het gewigt der slede gelijk de zwaarte van
16 kazen wordt gesteld, dan vraagt men, met hoe-
veel kracht de slede, beladen met het halve getal
kazen , kan worden voortgetrokken ?
3. Een natte, eikenhouten balk, lang 5,5 el, breed
4 en hoog 6 palmen, sleept men langdraads over
eenen horizontaal liggenden, eikenhouten vloer. Vraag.
a. Hoe groot is de wrijving van dezen balk bij het