Boekgegevens
Titel: Wis- en werktuigkundig rekenboek, naar aanleiding van het volks wis- en werktuigkundig leer- en leesboek des heeren J.W.L. van Oordt
Auteur: Gouka, Abraham
Uitgave: Middelburg: Gebroeders Abrahams, 1847
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-204
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200666
Onderwerp: Werktuigbouwkunde: werktuigbouwkunde: algemeen
Trefwoord: Wiskunde, Werktuigbouw, Mechanica, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Wis- en werktuigkundig rekenboek, naar aanleiding van het volks wis- en werktuigkundig leer- en leesboek des heeren J.W.L. van Oordt
Vorige scan Volgende scanScanned page
107
rust, ter\yijl de bal B met eene snelheid van 25
palmen tegen den bal A wordt geworpen. Bereken
nu eens, welke snelheid de ballen na de botsing
hebben ?
10. Een bal A wordt in tegenovergestelde rigting
tegen eenen bal B geworpen. De massa van deze
veerkrachtige ligchamen weegt van A 10 en van B
14 looden, zijnde de snelheid van A 6 en van B 8
palmen in eene seconde. Welke rigting en hoe veei
snelheid hebben deze ballen na de botsing verkregen ?
11. Indien bovengenoemde ballen ieder 10 looden
wegen, blijvende verder al de gegevens dezelfde ,
dan vraagt men als voren.
12. Een* ivoren bal heeft eenen vrijen val van 1,5
seconde op eenen veerkrachtigen, vast liggenden
steen. Indien nu de bal door deszelfs eigene onvol-
komene veerkrachtigheid, als ook door die van den
steen , en door den tegenstand van de lucht, jV
der rijst dan hij zou gedaan hebben, in geval de
genoemde beletselen voor het opspringen niet bestaan
hadden, dan vraagt men: hoe hoog is deze bal op-
gesprongen ?