Boekgegevens
Titel: Versjes voor jonge kinderen: met eenige zangwijzen
Auteur: Goeverneur, J.J.A.; Brugsma, Berend
Uitgave: Leeuwarden: Hugo Suringar, 1877
Leeuwarden: Coöperatieve Handelsdrukkerij
6e dr; 1e dr.: 1843
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4159
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200651
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Kindergedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Versjes voor jonge kinderen: met eenige zangwijzen
Vorige scan Volgende scanScanned page
52
Zie dien nijvren landman aan,
Hoe hij zwoegt,
Graaft en ploegt
Op zijn akker, en het graan
Uitstrooit in den schoot der aard,
Hopend, dat het rijk zal bloeien. —
Zeg nu, wie het daar bewaart,
Wie het vruchtbaar op doet groeien?
Zeg, wie zorg draagt voor het land,
't Zonlicht geeft op dauw en regen,
Het tot weldaad maakt en zegen?
o Bedenk, het is Gods hand.
Bij uw lieve moeder lijdt
Gij geen nood;
Spijs en brood
Geeft ze u, als gij hongrig zijt;
Maar het kleine wormje op 't veld
Heeft geen moeder, die kan zorgen.
Dat de honger het niet kwelt.
Die het aankleedt iedren morgen.
Weet gij, wie op 't koude land
Ook het wormpjen drenkt en voedstert.
Veilig leidt en kleedt en koestert?
o Bedenk, het is Gods hand.