Boekgegevens
Titel: Dichtbundel, verzameld uit de werken van oud-vaderlandsche dichters: een leesboek tot bevordering van den goeden smaak en tot oefening in het kunstmatig lezen
Auteur: Gleuns, Willem
Uitgave: Groningen: Gleuns, 1845
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4143
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200646
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Dichtbundels, Bloemlezingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Dichtbundel, verzameld uit de werken van oud-vaderlandsche dichters: een leesboek tot bevordering van den goeden smaak en tot oefening in het kunstmatig lezen
Vorige scan Volgende scanScanned page
76
46. HET LANDLEVEN.
Die de onrust niet in 't harte heeft.
Leeft zalig ah hij buiten leeft.
Gelukkig mensch , wien 't is gegeven,
Bij 't vreedzame en onnoos!e vee ,
Dat nooit nog kwaad, noch onregt deê ,
In 't veld zijn' dagen af te leven;
De bloemenkrans braveert de gouden kroon.
Die 's konings zorg bij nacht doet waken :
Geruster zit men onder daken
Van riet gebouwd, dan op den hoogen troon.
O, hoe genoeglijk is 't te kruipen ,
Ter kooije op eenen veedren zak,
In 't landhuis onder 't lagë dak ,
Wanneer de regenvlagen druipen.
Een koele wind in hooge beuken ruischt.
De krekel, die geen zorg wil dragen.
Voor winter, zingt uit ruigte en hagen,
Tot dat men wordt in zoeten slaap gesuisd.
Daar ligt m' en ronkt, en droomt in Vreden,
Niet als de vorst, die onverwacht
Uit zijnen slaap springt en bij nacht
Het klamme zweet vindt op zijn' leden,
Omdat hem dacht men stak hem naar het hart;
Maar hoe bet veld begint te gelen,
Hoe in het groen de geitjes spelen ,
Hoe Bloemerts iluit de nachtegalen tart.