Boekgegevens
Titel: Dichtbundel, verzameld uit de werken van oud-vaderlandsche dichters: een leesboek tot bevordering van den goeden smaak en tot oefening in het kunstmatig lezen
Auteur: Gleuns, Willem
Uitgave: Groningen: Gleuns, 1845
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4143
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200646
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Dichtbundels, Bloemlezingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Dichtbundel, verzameld uit de werken van oud-vaderlandsche dichters: een leesboek tot bevordering van den goeden smaak en tot oefening in het kunstmatig lezen
Vorige scan Volgende scanScanned page
51
32. GENOEGEN VAN HET LANDLEVEN.
Het dun gezaaid gestarnt, verschiet ;
Zijn glans en gloeit zoo vierig niet;
De schaduw is aan 't overleenen ;
De morgenstar drijft voor zich henen
De benden van het hemeisch heer.
De voerman van den grooten Beer,
Opdat hij zijne beurt verwissel',
Vlugt heen met omgekeerden dissel.
De gouden Titan rijst alreé
Met blaauwe paarden uit do zee.
En schittert over bosch en duinen.
En Idaas bladerrijke kruinen.
O wellekome morgenstond.
Gij voert hem spelen in den mond
Van eindelooze zaligheden ,
Die, lustig, rustig, wel te vreden.
Beschouwt al wat natuur ons geeft.
Wat schoonheid in haar aanschijn zweeft 1
Wat godlijk wordt, door al haar leden,
Van 't diep verwondren aangebeden.
Die in een' liefelijke streek,
Bij 't ruischen van een' klare beek,
Zijn landhuis sticht, en akkerwoning.
Wat is dat een gezegend koning!
Die nimmer vlamt op ijdlen lof,
En zijne lusten met zijn hof
Bepaalt, en indrinkt met zijne ooren
Den voglenzang ,, die zich laat hooren,
Daar morgendauw", als paarien, leit
Bij druppels hier en daar gespreid,
4*