Boekgegevens
Titel: Dichtbundel, verzameld uit de werken van oud-vaderlandsche dichters: een leesboek tot bevordering van den goeden smaak en tot oefening in het kunstmatig lezen
Auteur: Gleuns, Willem
Uitgave: Groningen: Gleuns, 1845
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4143
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200646
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Dichtbundels, Bloemlezingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Dichtbundel, verzameld uit de werken van oud-vaderlandsche dichters: een leesboek tot bevordering van den goeden smaak en tot oefening in het kunstmatig lezen
Vorige scan Volgende scanScanned page
18
12. OP 'T VERSCHIJNEN DER LENTE.
De strenge winter heelt gedaan,
De schoone dagen komen aan.
Het water dat bevrozen stond.
Dat wordt gezien tot in den grond.
De boomen, van de sneeuw bevrijd,
Belooven nu een zoeter tijd.
En de aarde, die gesloten was.
Vertoont ons groen en welig gras.
Het bloempje, dat scheen dood te zijn.
Verlustigd door den zonneschijn.
Ontluikt zijn nieuw en aardig blad
En toont daarin een' rijken schat.
In 't korte, geen zoo klein een kruid.
Of 't brengt een ander wezen uit.
Dewijle dan het aardsche dal
Zich gaat vernieuwen overal:
Mijn ziel, gij dient ook zoo te doen,
En wassen als het jeugdig groen ;
Gij, die den nieuwen tijd beziet.
En daaruit zoete vreugd geniet.
Ga trek eens uit den ouden mensch.
Dat is de Lente, die ik wensch.
O God ! die uwen zegen strekt
Op al dat nu den akker dekt,
Vernieuw, o Vader! mijn gemoed.
Gelijk gij nu de kruiden doet;
Geef" mij, dat ik u dienen mag
Tot aller uren van den dag.
Met lijf en ziel en mond en pen,
Zoo lang ik hier op aarde ben;
En heb ik iets ter wereld meer.
Maak alles nieuw tot uwer eer.
J. CATS.