Boekgegevens
Titel: Engelsch leesboek voor eerstbeginnenden, benevens een woordenboekje
Auteur: Gedike, Friedrich
Uitgave: Deventer: J. de Lange, 1853
6e verb. dr
Opmerking: Vert. van: Englisches Lesebuch für Anfänger, nebst Wörterbuch und Sprachlehre. - 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4089
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200629
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Engelsch leesboek voor eerstbeginnenden, benevens een woordenboekje
Vorige scan Volgende scanScanned page
T.
283
Ten, adj. tien.
Tenacious, vasthoudend,
sterk.
Tenant, s. {die het goed van
eon* ander onder zekere
voorwaarden in bezit
heeft), pachter.
Tender, arij. teeder.
Tenderness, s. teederheid.
Tent, s. tent.
Term , s uitdrukking ,
spreekwijze, bewoording,
woord, artikel, voor-
waarde van een verdrag.
Termagant, s. boos, twist-
ziek wijf.
Termagant, adj: scheldend,
twistziek.
to Terminate, v, a. et n,
eindigen, besluiten.
Terrible, adj.verschrikkelijk.
Ternhlyy adv. verschrikkelijk.
to Terrify, v. a verschrikken.
Territory, s. grondgebied.
Terror, s. schrik; lo put
in terror, schrikaanjagen,
to Testify, v. a. betuigen.
Testimonial, s. getuigschrift.
Testimony, s. getuigenis.
Text, s. tekst
Thales, s. Thales, {van Mi-
lete, een der zeven Griek-
sche wijzen).
Than, conj. dan (na eenen
cowparativ. of de woor-
den other en else.)
Thmk, s.dank, dankzegging,
to Thank, T. a. danken.
Thankful, adj. dankbaar.
Thankfulness, s. dankbaar-
heid.
That, pron. demon, (plur.
Those) die , dat; pron.
relativ. (als zoodanig, in
het enkel- en meervoud
that), die, dat, welke,
hetwelk.
That, conj. opdat.
That's, in plaats van that is.
The, art. de, het.
Theatre , s. schouwburg,
{Bij de Romeinen een
groot gebouw, dat tot
openbat e spelen en ver-
maken ran allerlei aard
gebezigd werd).
Theban, adj. Thebaansch,
van Thebe, s Thebaan.
Thebes, s. Thebe, xberoem-
de stad in Griekenland),
Thee, acc. van Thou, gij.
Their, pron. (can they, zij,)
hun, haar.
Theirs, pron. (wanneer het
substantiv. voorafgaat),
de of het hunne, hare.
Theui, acc. van They, hen,
haar, dezelve; to them,
(of, met wegl, van to),
them, hun.
Themislocles, a. Themisto-
cles, {een beroemd A-
theensch veldheer).
Themselves, pron, (plur.)
zij zelcen, zelven, zich.
Then, conj. et adv. dan,
alsdan, toenmaals, hierop,
al zoo, icanneer het zoois.
Thence, adv. (ook, hoewel
verkeerdelijk, from then-
ce), van daar, daarom,
daaruit.
There , adv, daar, daar-
henen ; {met den derden
persoon van eenig werk^
woord rormt het een on-
persoonlijk werkwoord);
there is, plur. there are,
er is, er zijn; thf»re being,
dewijl, daar er is of zijn ,
daar er was of waren ;
there happens a dispute,
er ontstaat een strijd.
Thereafter, adv, daarna.