Boekgegevens
Titel: Engelsch leesboek voor eerstbeginnenden, benevens een woordenboekje
Auteur: Gedike, Friedrich
Uitgave: Deventer: J. de Lange, 1853
6e verb. dr
Opmerking: Vert. van: Englisches Lesebuch für Anfänger, nebst Wörterbuch und Sprachlehre. - 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4089
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200629
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Engelsch leesboek voor eerstbeginnenden, benevens een woordenboekje
Vorige scan Volgende scanScanned page
246
W.X.Y.Z.
Weither, pron, <jeen van
beide; conj. noch, (waar
dan nor op vohjt), noch,
ooh {niet, (wanneer nor
voorafgaat),
Jfephew, 8. neef, (zoon van
broeder of zusier).
Netherlands, 8. pl. JSeder-
landcn,
West, s. nest,
to Nestle, v. n. nestelen;
to nestle about, zich heen
en weder draaijen.
Nestor, i, Tiestor, (de oud-
ste en %oijsste Griehscho
Vorst in den Trojaan-
schen oorlog).
Net, s. net.
Never, q^Ay. nimmer, nooit,
geenszins; never fear,
vrees niet.
Nevertheless, conj. niet-
temin,
New, adj. nieuw,
to New-create, v. a. nieuw
scheppen, hervormen,
New-elected, adj. nieuw
gekozen,
News, 8. plur. (hoewel dik-
wijls met het enkelvoudi-
ge van een werkwoord
verbonden) , niemostij-
ding, berigt, nieuws.
Newspaper, s. courant,
krant, nieuwspapier.
Newton, s. I^ewton, {een
beromd Engelsch wiskun-
dige in het begin der vo-
rige eeuw),
New-York , 8. Piew-York ,
Tiieuw-York, (eene pro-
vincie en groote handel-
stad in JVoord-Amerika),
Next, adj. naaste.
Next, adv. naast, aan-
stonds daarop, ontnid-
tlellijk daarna.
Nice, adj. jijn, lekker,
Nigh, adj. nabij.
Night, 8. nacht.
Nightcap, 8. slaapmuts.
Nightingale, s. nachtegaal.
Nile, » Nijl, (eene bekende
rivier in Egypte).
Nimble, adj. snel, levendig.
Nine, adj. negen.
Ninety, adj. negentig.
No, adv. neen, niet.
No, adj. niet een, geen;
bv no means, door geen
middel, geenszins; no
danger, geen gevaar.
Nobility, s. adel.
Noble, adj. edel, edelmoe-
dig , mild.
Noble, 8. iemand van hoo-
gen adel, adellijke, edel-
man.
Nobly, adv, edel, edelmoedig.
Nobody, s. niemand.
Noise, 8. gedfuisch, ge-
schreeuw.
Noisy, adj, leven makende,
luidruchtig.
Nominally, adv. slechts in
naam.
None, pron. s. niet een,
niemand, geen.
Nonplus, 8. verlegenheid,
(als men niet weet, loat
men doen zal).
Nonsense , s. onzin.
Nor, conj. noch, (na nei-
ther, noch).
North, s. noorden.
Northern, adj. noordelijk.
Northwind , adj, noorde-
wind.
Nose , 9. neus.
Not, adv. niet.
Note, s. teeken , kenmerk ^
noot, melodische toonen,
gezang,
to Note, v. a. opmerken,