Boekgegevens
Titel: Engelsch leesboek voor eerstbeginnenden, benevens een woordenboekje
Auteur: Gedike, Friedrich
Uitgave: Deventer: J. de Lange, 1853
6e verb. dr
Opmerking: Vert. van: Englisches Lesebuch für Anfänger, nebst Wörterbuch und Sprachlehre. - 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4089
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200629
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Engelsch leesboek voor eerstbeginnenden, benevens een woordenboekje
Vorige scan Volgende scanScanned page
G.
225
part, grown) v. n. groei-
jen, aangroeijen^ worden;
to grow faint, moede wor-
den ; their dispute grew
80 high, hun geschil liep
zoo hoog; van tijd tot
tijd komen, naderen.
Growth, 8. wasdom.
Guard, s. wacht,
to Guard, v, a bewaken,
beschermen y beveiligen.
Guardian, s. opziener, voogd.
Guest, s. gast.
Guide, ^.wegwijzer, geleider,
to Guide , v. a. geleiden.
Guilt, 8. schuld, misdaad;
consciousguilt, een kwaad
geweten , bewustheid van
schuld.
Guilty, adj. strafbaar,
schuldig; to be guilty of,
aan iets schuldig zijn,
of: zich aan iets schuldig
maken, zich aan iets
schuldig gemaakt hebben.
Guinea, 8. gttinje, {eene
Engelsche gouden munt,
schellingen waarde,
in Hall. f J2, —
to Gush, V n. met hevig-
heid vlieten, stroomen,
gudsen.
Gut, s, darm,
II.
Habit, 8. vaardigheid, ge-
woonte, dragt, kleeding,
to Habit, V. a. kleeden,
aankleeden.
Habitation, s. woning.
Had, imp. en part, van to
Have, hebben.
Hailstone, s. hagelsteen.
Ilair, 8. haar.
Half, 8. helft; adj. half.
Halter, 8. halster, strik^sirop.
Hand, s.' hand, zijde; on
the other hand, op de
andere zijde,
Hand-eiercise,8 handarb&id.
Handkerchief, 8. zakdoek,
haUdoek, doek.
to Handle, v. a. behande-
len, hanteren.
Handsome, aiV], schoon, be-
koorlijk, rijkelijk,
* to Hang, {imp. en part.
hanged en hung) v. a. et
n. hangen, ophangen,
Harnibal, s, Uannibal, {de
beroemdste Carthaagscho
veldheer in den 2den Pu-
nischen oorlog).
to Happen, v. n. {bij toe-
val) geschieden, gebeu-
ren , komen, ontstaan;
they happened to fall on
the subject, zij kwamen
toevallig over het onder-
werp te spreken; happen-
ing to travel, daar hij
toevallig of juist reisde.
Happiness, s. geluk.
Huppy, adj. gelukkig,
to Harass, v, a. afmatten,
vermoeijen, plagen; to ha-
rass out, geheel afmatten.
Harbour, 8, haven.
lo Harbour, v. a, herber-
gvn, koesteren.
Hard, adj. hard, zwaar,
moeijelijk.
Hardly, adv. met moeite,
bezwaarlijk, naauwelijks,
Hard-liearted, adj. hard-
vochtig , ongevoelig.
Hardship, s. ongemak,
Hare, s. haas.
Harem, i. harem, vrouxoen-
verblijf, {hij de Turken),
to Hark, v. a. hooren; hark
ye, hoor.
Harm, s. schade, nadeel,
18