Boekgegevens
Titel: Engelsch leesboek voor eerstbeginnenden, benevens een woordenboekje
Auteur: Gedike, Friedrich
Uitgave: Deventer: J. de Lange, 1853
6e verb. dr
Opmerking: Vert. van: Englisches Lesebuch für Anfänger, nebst Wörterbuch und Sprachlehre. - 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4089
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200629
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Engelsch leesboek voor eerstbeginnenden, benevens een woordenboekje
Vorige scan Volgende scanScanned page
B.
1B9
Bassora, Basiota of Basra,
{eene groote stad, in Asi-
atisch Turkije, aan den
Euphraat, of veeleer aan
de vereeniging van den
Euphraat en den Tiger),
Bat, s. vleêrmuis.
Battalion, s. bataljon,
Bath, s. Bath, {eenebekende
stad en badplaats in En-
geland),
to Bathe, v. a. et n. baden.
Battle, 8. veldslag.
Bavarian, adj. Beijersch; the
Bavarian war, de Beijer-
sche oorlog.
Bay, 9. baai, kleine inham,
* to Be, V. n. zijn, gevolgd
van de onbep, wijs eens
werkwoords, heteekent zul-
len, moeten o/kunnen; this
measure was to terminate
in his ruin, deze maatre-
gel moest in zijnen on-
dergang eindigen ,* ge-
volgd door het teg, deelvo,
eens werkwoords, als:
I am using, ik gebruik;
gevolgd van een verl,
deelw, (en soms van het te-
genw. deelw, eens v, a.)
worden; I am loved, ik
word bemind; the house is
building, het huis wordt
gebouwd.
Bead, s. koraal.
Beak, s. bek, neb.
Beam, s. balk, lichtstraal,
Bear, s, beer,
* to Bear, v. a (tm;?.bore,
part, borne) dragen, hou-
den , hebben , bezitten; to
know what estimation he
bore, om te weten, welke
achting hij bezat, inweU
ke achting hij stond, ver-
dragen, verduren.
Bearer, ^.brenger, houder.
Beast, s. (redeloos) dier,
* to Beat, V. a. (tmp. beat,
part, beaten) slaan.
Beaver, s. bever.
Beautiful, adj. schoon.
Beauty, s. schoonheid.
Because, conj. dewijl, ver-
mits, omdat,
to Beckon, v. n. wenken.
• to Become, {imp. Became)
V. n. worden; what is
become of him? wat is er
van hem gewordend waar
is hij gebleven^ betamen,
voegen.
Becoming, adj. betamelijk,
wehoegelijk.
Bed, 0. bed.
Bedchamber, s. slaapkamer.
Bedlam, s. dolhuis, gekken-
huis.
Bedside, s. bedsponde.
Bee, 8. bij.
Beef, 8. rundvleesch,
Been, (partic, van to be)
geweest.
Beer, s. bier,
* to Befall, v.n, (imp, befell,
part, befallen) overkomen,
wedervaren,
to Befriend, v.a. eene vriend-
schap bewijzen.
Before, prep, voor, adv.
vooraf, te voren, conj.
eer, voor dat.
to Beg, V. a. bidden, smee-
ken, verzoeken,
• to Begin (imp, began , parti
begun), V. a. et n. begin-
nen, aanvangen.
Beginning, begin, begin-
sel.
Behalf, s. voordeel, nut, on^
dersteuning; in my behalf,
om mijnentwil.
to Behave , v. n. en to Behave