Boekgegevens
Titel: Engelsch leesboek voor eerstbeginnende, benevens een woordenboekje
Auteur: Gedike, Friedrich; Bomhoff, Derk
Uitgave: Deventer: J. de Lange, 1840
5e verb. dr.
Opmerking: Vert. van: Englisches Lesebuch für Anfänger, nebst Wörterbuch und Sprachlehre. - 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4085
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200628
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Engelsch leesboek voor eerstbeginnende, benevens een woordenboekje
Vorige scan Volgende scanScanned page
274
S.
hen; to «et forth, voor
oogen leggen, hegchrijven;
to set aside, vernietigen;
to set out, zich op weg
begeven, vertrekken , op
reie gaan; to set up, op-
Metten, oprigten; to «et
before one , iemand voor-
zetten; 3. verheffen, (een
geschreeuw); 4. to set up,
zich vestigen,
to Settle, V. a, et n, 1.
neérzetten , vestigen ; 2.
in orde brengen; tb set-
tle with one , met iemand
eene schikking maken; to
settle upon one, iemand
(met kapitaal, of jaar-
lijksche rente) begiftigen;
3. beslissen.
Settled, adj, bedaard, gerust.
Settlement, s. \, vaststelling;
2. vestiging, colonie of
volkplanting.
Seventeenth , adj. zeven-
tiende.
Seventh, adj. zevende.
Several, adj. verscheiden.
Severe, adj. etreng,
scherp, hard.
Severely, adv. streng, hard.
Severity, gestrengheid.
Sex, s. (mannelijk of vrou-
welijk) geslacht, kunne,
sekse.
Sexton, s. doodgraver.
Shade, ». ï, schaduw, lom-
merrijke plaats; 2. scha-
duw, afgestorvene geest,
schim.
Shadow, s. 1. schaduw (van
een voorwerp); 2. schijn.
Shady, adj. schaduwachtig,
lommerrijk.
to Shake, v. a. et n. l. schud»
den; 2. sidderen, beven.
Shall , V. n. (gebrekkig werk^
woord) (im/;, should), 5«/-
len; 2. gewoonlijk is het
een vorm van den toeko-
menden tijd, ik zal; 3»
ik ben voornemens, ik
wil; I should, ik zoude,
ik wilde.
Shallow, adj. I. vlaJt., niet
diep; 2. laf, geesteloos.
Shambles, 8. pl. vleesch-
banken, vleeschhal.
Shame, s. schaamte, schande.
Shameful, adj. schandelijk.
Shank, s. schenkel.
Shape, a. gedaante, gestal-
ie (des ligchaams).
Share, a. deel, aandeel,
to Share, v. a. et n. (met
en zonder in) deelen, deel
nemen, deel hebben.
Sharp, adj I. scherp , spits ;
2. doordringend (van koum
de en regen); 3. ijverig,
begeerig.
Sharp-set, adj. zeer honge-
rig.
to Shatter, v. a. verbreken,
varpleiten; shattered con-
stitution , gekrenkt lig-
chaamsgestel , verzwakte
gezondheid,
to Shave, v. a. scheren,
(den baard).
She, pron. zij, (de vrouw);
wordt ook van vele dieren
gebruikt, die gedeeltelijk
in het Nederduitsch van
het mannelijk geslacht
zijn , als: de kikvorsch ,
ooijevaar, enz.
• to Shed, V. a. 1. (imp.
cn part, ahedj uitgieten;
2. storten, vergieten.
Sheep , a. sing, et plur,
schaap, schapen.