Boekgegevens
Titel: Engelsch leesboek voor eerstbeginnende, benevens een woordenboekje
Auteur: Gedike, Friedrich; Bomhoff, Derk
Uitgave: Deventer: J. de Lange, 1840
5e verb. dr.
Opmerking: Vert. van: Englisches Lesebuch für Anfänger, nebst Wörterbuch und Sprachlehre. - 1795
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4085
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200628
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Engelsch leesboek voor eerstbeginnende, benevens een woordenboekje
Vorige scan Volgende scanScanned page
220
F.
found) T. a. vinden, ont*
dekken , aantreffen j to
find out, uitvinden.
Fine, adj. fijn, schoon,
aardig ; fine company ,
beschaafd gezelschap.
to Fine, v. b. met eene geld-
boete straffen, tot eene
gddboete veroordeelen; to
fine one a «billing, iemand
eene boete van eenen
schelling opleggen.
Finely, adv. schoon»
Finger, «. vinger,
to Finish, eindigen,
ïir, t. den, dennenboom,
to Fire, v. a. aansteken^
in brand steken.
Fire, s. vuur.
Firm, adj. vast.
First, adj. eerste.
First, adv. eerst; at first,
in het eerst, aanvanke-
lijk.
to Fish, v. ii,eiai.visschen.
Fishing-vessel , s. visschers-
vaartuig.
Fit, adj. geschikt^ gemak-
kelijk.
to Fit, v. a. passen.
Fit, 8. aanval eener ziekte.
Five, adj. vijf,
to Fix, v. a. 1. bevestigen,
vasthechten, aanspijkeren;
2. vastzetten , onveran-
derlijk besluiten; 3. to
fix on of upon , zich voor
iets verklaren, kiezen.
Fixt, part. van to fix, in
plaats van fixed.
Flame, s. vlam.
Flat, adj. eff'en , glad, vlak.
to Flatter i v. a. vleijen.
Flatterer, e. vleijer.
Flattery, s. vleijerij.
Fledged, adj, vlug.
* to Fiee, (imp. 1 fled) v.
n. vlieden, vlugten.
Fleece, 8. vlies, wol van
een schaap.
Fleet, 8. vloot.
Fleet, adj. vlug, vaardig.
Flesh, 8. vleesch.
Flier, s. vliegend schepsel.
FUght, 8. 1. vlagt-, 2. vUe-
gen.
* to Fling (imp. flung) v. a.
met hevigheid werpen ,
slingeren, storten.
Flint, s. keisteen, vuursteen,
Fiittermouse, s. vleêrmuis.
Flock, 8. kudde (voorname-
lijk eene kudde schapen).
to Flock, v. n. bij hoopen
zamenkomen , zich verza-
melen, zich vereenigen.
Floor, 8. vloer.
Fioridness, %.bioeijendekleur,
to Flourish, v. n. 1. bloeijen;
2. in volle kracht zijn,
to Flow, v. n. vlieten,
Fiower, 8. bloem,
* 'to Fly (imp, flew) v. n.
vliegen.
Fly, 8. vlieg,
to Foam, v. n. schuimen;
to foam at the mouth,
schuimbekken.
Foe, 8. vijand
Foible, 8. zwakheid, zwak-
ke zijde, zwak.
Folks, s. pi. menschen, lie-
den; old folks, oudelieden.
to Follow, v, a. et n. I. vol-
gen ; 2. op elkander laten
volgen.
Follower, s. I. geleider; 2.
aanhanger.
Following, adj. volgende.
Folly, 8. dwaasheid, gekheid.
Fond, adj, zeer vergenoegd,
seer ingenomen voor iets,