Boekgegevens
Titel: Allerlei: leesboek voor de hoogere klassen der volksscholen
Auteur: Ettinger, W. van
Uitgave: Tiel: D. Mijs, 1874
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3727
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200588
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Allerlei: leesboek voor de hoogere klassen der volksscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
45
Aan elk korreltje komt een klein, wit worteltje
even als aan de aardappelen in den kelder.
Na 14 dagen is de gerst genoeg gekiemd, en het
zetmeel is in suiker veranderd; zulke gekiemde gerst
noemt men mout. Het mout wordt nu in de lucht
of boven een eest gedroogd; de eerste manier geeft
luchtmout, de tweede eestmout. Na het drogen
wordt het mout in den moutmolen fijn gemaakt en
met koud of warm water in groote kuipen beslagen.
Dit mengsel wordt nu in groote ketels gekookt;
vóór het koken doet men er echter de vruchten van
zekere plant bij, de hopplant, die in Gelderland
en vooral in Noord-Brabant veel wordt verbouwd,
en een eigenaardigen geur heeft. Heeft het mout
lang genoeg gekookt, dan laat men het kooksel
bezinken, en tapt het dunne vocht af, dat in de
koelvaten loopt en daar afgekoeld wordt. Dit eerste
aftreksel geeft het beste bier , maar omdat het mout
nog niet geheel afgetrokken is, doet men weer
water in den brouwketel en maakt nog één of twee
aftreksels.
De voornaamste bewerking moet het moutaftreksel
nu nog ondergaan n. 1. het gisten. Men doet daarom
het aftreksel in de gistkuipen, en mengt er wat
gist door. Daar de eene gist spoediger werkt dan
de andere, moet men er vooral op letten welke soort
men gebruikt. Wil men versch bier maken, dan
neemt men bovengist, die zóó spoedig werkt. dat
na acht en veertig uren gisten, het versche bier
reeds gereed is, hetwelk echter ook spoedig on-