Boekgegevens
Titel: De speeldoos: leesboekje voor de Christelijke school
Deel: No. 2
Auteur: Evers, A.
Uitgave: Kampen: G.Ph. Zalsman, 1894
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3682
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200575
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De speeldoos: leesboekje voor de Christelijke school
Vorige scan Volgende scanScanned page
wel doen, als ik bij U maar den kost kan verdienen. Mijn
vader en mijn moeder zijn dood."
Zoo sprak liichard, en hij hield smeekend den blik op
den heer gericht.
— „Ik wil zien, of gij goed op zult passen," sprak de
vriendelijke heer. „Kom maar mee in huis, mijn jongen ;
ik zal mijn vrouw vragen, of zij niet wat voor u te doen
heeft in de keuken."
Eichard was zeer verheugd, dat hij hier eindelijk onder
dak zou komen. Hij ging nu met den heer het huis in en
werd toen naar de keuken gezonden. Daar kwam de me-
vrouw bij hem. Zij vroeg of hij messen kon slijpen, schoe-
nen poetsen, water dragen enz. Richard antwoordde, dat hij
zgn best zou doen om alles te leeren. Toen zeide mevrouw
dat hij dan maar doen moest, wat Betje, de keukenmeid,
en Jan, de knecht, hem zouden bestellen.
Wat was onze jongen blij, dat hij slapen kon op een klein
zolderkamertje en dat hij alle dagen zijn maag behoorlijk
kon vullen ! Hij dankte er God voor.
OPGAVEN.
I. 1. Waarom zwierf Richard alleen rond? 2. Wat was
er gebeurd met het hutae en het huisraad van zijn
vader en moeder? 3. Waar wilde Richard nu heen?
4. Wat wilde hij daar doen ? 5. Waar belde hij aan ?
6. Wat zei men hem? 7. Waar werd hij eindelijk
opgenomen? 8. Wat moest hij daar doen?
II. Wat kunt ge zeggen in plaats van :
het eenvoudige hutje; liij zwierf eenzaam rond ; zijn
moeder had het hem met stervende lippen gezegd;