Boekgegevens
Titel: De speeldoos: leesboekje voor de Christelijke school
Deel: No. 2
Auteur: Evers, A.
Uitgave: Kampen: G.Ph. Zalsman, 1894
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3682
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200575
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De speeldoos: leesboekje voor de Christelijke school
Vorige scan Volgende scanScanned page
16
aJles met wijsheid gemaakt. De hemelen vertellen Gods eer.
Maai' toch," zoo ging hij een poosje later voort, ,ik zou die
eiken anders gemaakt hebben. Wat heeft zulk een groote,
dikke boom kleine vruchten. In plaats van eikels moesten
er, dunkt me, appels aan groeien, zoo groot als mijn hoofd."
Nog een poosje zat de man onder de boomen. Daar stak
de wind op. De toppen der boomen schudden hevig heen
en weder, en juist terwijl de man eventjes omhoog keek,
viel er een eikel op zijn neus. De neus begon te bloeden.
„Nu moet ik toch zeggen, dat God de Heer wijzer is dan
ik," sprak nu de wandelaar. „Groeiden er groote, zware
vruchten aan de eiken, dan zou thans mijn hoofd erg ge-
kneusd zijn."
Hoe groot zijn Heere ! uwe werken! Gij hebt ze alle met
wijsheid gemaakt.
OPGAVEN.
I. De weg is eenzaam. De eenzame weg.
Ga zoo voort met:
Het weer is warm.
Het bosch is groot.
De eik is dik.
De kruin is bladerrijk.
De schaduw is aangenaam.
Het mos is zacht.
De wolk is blauw.
De zoimestraal is helder.
De vrucht is zwaar.
II. Liep komt van loopen.
Waarvan komt: zweette, kwam, verhieven, maakten,
sprak, legde, keek, dreven, zat, stak op, viel, schreef.