Boekgegevens
Titel: De speeldoos: leesboekje voor de Christelijke school
Deel: No. 2
Auteur: Evers, A.
Uitgave: Kampen: G.Ph. Zalsman, 1894
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3682
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200575
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De speeldoos: leesboekje voor de Christelijke school
Vorige scan Volgende scanScanned page
11
lieden aan deze uitnoodiging gehoor. Toen zij bij den koning
kwamen, brachten zijn bedienden in een groote zaal vele
kostelijke spijzen. Zij zetten die op den vloer, want tafels
en stoelen waren er in dit land niet.
De gasten gingen, evenals de koning, op den vloer zitten
om de spijzen te nuttigen, maar — zij konden niet eten,
want op hetzelfde oogenblik, dat de spijzen binnengebracht
werden, kwam er een verbazende menigte muizen te voor-
schijn. Zij vielen als hongerige wolven overal op aan. Ver-
schrikt vlogen de genoodigden achteruit. De koning en
zijn vrienden bleven bedaard zitten en zagen het aan hoe
de muizen alles verslonden.
— „Het spijt mij zeer," sprak de vorst, „dat gij door
deze dieren zoozeer verschrikt wordt, maar ik kan er niets
tegen doen. Alles heb ik aangewend, maar ik kan ze niet
verdrijven ; zij zijn voor mij een ware plaag. Maar zet u
thans weer neder; mijn knechten zullen nieuwe spijzen bren-
gen, en wij zullen hopen dat de muizen ons dan met rust
zullen laten, daar ze wel haast verzadigd zullen zijn."
— ,,0 koning," sprak nu een der vreemdehngen, „wij
hebben een beest op ons schip, dat al dit ongedierte in éen
oogenblik kan wegjagen. Indien gij dat dier hadt, zouden
spoedig al uw muizen dood zijn, en nooit zou er zich één
weer durven vertoonen, zoolang het dier in uw paleis zou zijn."
— „Haal mij dan spoedig dat beest," sprak de koning,
„ik wil het van u koopen, al moest het ook nog zooveel
geld kosten."
De kat werd nu van het schip gehaald en in een kistje
op den vloer gezet. Nu werden er ook nieuwe spijzen bin-
nengebracht, en of de koning al gemeend had, dat de muizen
wel verzadigd zouden zijn, het tegendeel bleek nu duidelijk