Boekgegevens
Titel: Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Auteur: Duijl, C.-F. van
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1893
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3530
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200556
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
57
versierd. De tafels zijn niet zelden smaakvol van brons gegoten of met
ivoor en zilver ingelegd. De pooten der meubelstukken hebben sierlijke
vormen en hebben zeer dikwijls de gedaante van leeuwenklauwen. Al
de meubels, die dienen om op te zitten of te liggen, zijn fraai bewerkt.
Zitten doen de Grieken niet veel. Ze liggen op rustbedden, die aan het
hoofdeinde van een steun voorzien zijn, en waarop ze den Hnker arm
leggen, om met de rechterhand te kunnen schrijven of eten. Want ook
bij 't eten nemen ze die houding aan. De rustbedden zijn bedekt met
zachte kussens of fraaie tapijten, waaraan sierlijke kwasten en rijke franjes
niet ontbreken. Ge begrijpt, dat de tafels niet hoog kunnen zijn, daar
men ook liggend eet.
Veel zorg besteden de Grieken ook aan hunne lampen en vazen en
drinkbekers. Dat wil niet zeggen, dat de lampen zelf zoo voortreffelijk
zijn; want ze behelpen zich met kwalmende oliepitten in huis en met
fakkels op straat. Kaarsen zullen ze later eerst leeren kennen door de
Romeinen. Maar de vormen der lampen zijn in den regel zeer schoon.
Naast de rustbedden staan dikwijls hooge kandelabers, die den liggenden
schrijver of lezer het noodige licht verschaffen.
We hebben zooeven een paar maal gesproken over de slaven. Die
vormen in eene Grieksche huishouding een noodzakelijk bestanddeel.
Had een Atheensch burger geene slaven, dan zou hij moeilijk zijne
verplichtingen jegens den staat kunnen vervullen; want die roepen hem
dikwijls buitenshuis: op de markt en in de volksvergadering, in de
gerechtszaal en in het leger. Slaven zijn er dus in menigte. Men heeft
wel berekend, dat er naast de 150000 vrije burgers van Athene 400 000
slaven zijn. Maar een Griek zelf mag geen slaaf wezen; dat zijn alleen
vreemdelingen: barbaren zeggen de Grieken. Vele van die slaven
verrichten huiselijke werkzaamheden: ze gaan naar de markt om inkoopen
te doen, ze doen boodschappen, ze bedienen de tafel of den kelder
en de keuken; maar andere zijn handwerkers en verdienen geld voor
hunnen meester, of ze werken in zijne fabrieken, op zijne akkers of in
zijne bergwerken. Een fatsoenlijk burger, die niet al te onvermogend
is, heeft in den regel tien ^ twintig slaven en slavinnen. De laatsten
zorgen onderanderen ook voor het toilet van de huisvrouw.
En nu dienen we eindelijk onzen gastheer op te zoeken. We worden