Boekgegevens
Titel: Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Auteur: Duijl, C.-F. van
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1893
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3530
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200556
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
40
Persepolis verheft zich een steile rotswand ter hoogte van 300 voet,
waarin verschillende koningsgraven zijn uitgehouwen. Dergelijke graven
vindt men eveneens een paar uur noordwaarts van Persepolis te Naksji-
Roestem. Alweer dus gedenkteekenen ter verheerlijking van de konin-
gen , van de „groot-koningen", zooals de Perzische heerschers zich
meer bepaaldelijk noemden, van Oostlrsche despoten, voor wier toorn
zoovele duizenden sidderden. Want het waren machtige vorsten, die
Perzische groot-koningen! Hun werd bijna goddelijke eer bewezen.
Nooit vertoonden zij zich te voet buiten de omgeving van hun paleis,
maar altijd te paard of in een statie-wagen; begaven zij zich van het
eene gebouw naar het andere, dan werden kostbare tapijten over den
bodem uitgespreid. Volgens sommige opgaven kostte het dagelijksch
onderhoud van den gansche hofstoet 40 talenten, d. i. 100.000 gulden.
Men kan daarnaar de talrijkheid van het personeel afmeten, dat bestond
uit hofmeesters, stalmeesters, artsen, voorproevers, schenkers, dansers
en muzikanten, wapendragers, geheimschrijvers, waaierdragers, enz.
Herodotus noemt voor de jaarlijksche inkomsten van den staat eene
som ongeveer gelijkstaande met 320 millioen gulden naar onze tegen-
woordige munt. Deze verbazende som werd opgebracht door de ver-
schillende wingewesten, hetzij in geld, hetzij in natuurvoortbrengselen.
Zoo leverden de Meden jaarlijks 100.000 schapen, 4000 muildieren en
3000 paarden; Egypte bracht het koren op voor het onderhoud zijner
bezetdng, die, naar de Ouden beweren, 120.000 man bedroeg; de
Armeniërs hadden 300.000 hoenderen te leveren, vier groote Babylo-
nische dorpen uitsluitend voor Darius' Indische honden te zorgen, enz.
De handel en het verkeer in het rijk werden in de hand gewerkt door
voortreffelijke wegen, gelijk wij in de vorige les reeds zagen, waar we
ook al melding maakten van de koninklijke post. Een der groote
heerwegen liep o.a. van Susa over Sardes naar Ephesus.
Van de Perzische koningsgraven heb ik zooeven opzettelijk meldmg ge-
maakt, omdat zich daaraan nog eene belangrijke opmerking vastknoopt.
Zij waren voorzien van opschriften, vervat in dezelfde teekens, welke
men later in zoo grooten getale vond in alle overblijfselen, welke van het
oude Babyion en Niniveh voor den dag kwamen en die (zie blz. 33)