Boekgegevens
Titel: Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Auteur: Duijl, C.-F. van
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1893
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3530
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200556
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
34
waarnemen van den stand der hemellichamen, waartoe de altijd heldere
hemel in de eerste plaats aanleiding gaf. Men kan inderdaad Babylonie
het geboorteland noemen van de wiskundige wetenschappen en van
den almanak. In de stad Larsam bevond zich eene boekverzameling,
die wegens haren rijkdom aan wiskundige werken beroemd was. De
Babylonische geleerden hebben zich reeds bezig gehouden met het
zoeken van de verhouding, die er bestaat tusschen de middellijn van
eenen cirkel ën zijnen omtrek; zij berekenden, dat 233 maansomloopen
ongeveer gelijk staan met 19 zonnejaren; zij hadden de zonnevlekken
waargenomen en de teekenen van den dierenriem vastgesteld. Ook de
verdeeling der week in zeven dagen is van hen afkomstig. Hun jaar
was verdeeld in 12 maanden van 30 dagen, maar van tijd tot tijd
voegden zij eene schrikkelmaand in. In dit opzicht waren ze even ver
gevorderd als de Egyptenaren, die ook reeds bij zonnejaren rekenden,
terwijl de meeste overige volken der oudheid slechts de veel onnauw-
keuriger rekening bij maanjaren, d. i. jaren van 12 maansomloopen of
ruim 354 dagen, kenden.
Aan de andere rivier, aan den Tigris, lag eene niet minder reus-
achtige stad, N i n i V e h. Maar die is al eeuwen lang van den aard-
bodem verdwenen. Ze werd omstreeks 600 jaar v. Chr. verwoest. Oude
schrijvers vertelden wel, dat Niniveh zoo groot was, dat men drie
dagreizen noodig had, om de stad om te trekken; maar men beschouwde
die uitdrukkingen als zeer overdreven. Nu evenwel, sedert het jaar 1842
vooral, verscheidene geleerden zich bezig gehouden hebben met het doen
van opgravingen in de buurt van de tegenwoordige stad Mosul, waar
Niniveh moet gelegen hebben, hebben ze zooveel puinhoopen en
andere overblijfselen gevonden, dat ze hoe langer hoe meer overtuigd zijn
geworden, dat de overdrijving toch niet zoo heel erg kan geweest zijn.
Van de stad Baby Ion bezitten we eene beschrijving door een oog-
getuige, den Griekschen geschiedschrijver Herodotus, die omstreeks
450 v. Chr. leefde. Toen vormde Babyion geen zelfstandigen staat
meer; het was onderworpen aan den machtigen koning van Perzië.
Maar 't was toch nog eene groote stad, eene der hoofdsteden van het
Perzische rijk. Herodotus was een bereisd man, die veel gezien had
en die alles opteekende, wat hem merkwaardig voorkwam.