Boekgegevens
Titel: Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Auteur: Duijl, C.-F. van
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1893
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3530
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200556
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
31
volken en in verschillende tijden eischten; al wat de nieuwsgierigheid
prikkelde, brachten zij van het eene einde der wereld naar het andere.
Met de olie van Judea voeren zij naar Spanje, om er zilver voor in
te ruilen; bronzen ketels en gereedschappen, die uit het land der
Chalybiërs (in Armenië) op de Phoenicische markt aangevoerd werden,
brachten zij tot naar Brittanje, om er tin voor in de plaats mede te
nemen; uit Egypte haalden ze zalven en glaswaren, namen op dezelfde
reis uit Athene aardewerk mee en brachten, uit Tarsis komende, aal
tonijnen en fretten voor de konijnenjacht weer naar Athene terug. Geene
handelswaar zoo onbeduidend, of de Phoeniciërs wisten er geld uit te
slaan. Koren haalden zij voornamelijk uit Judea, Egypte, Cyprus;
verder van Sardinië, Sicilië en de noordkust van Afrika. Het goud
en het zilver stonden bovenaan onder de artikelen van den Phoeni-
cischen handel. Dit laatste metaal verspreidden ze in West-Azië en
Egypte, waar het vroeger hoogst zelden voorkwam. Ze haalden het
uit de mijnen van Spanje, waar ze ook goud aantroffen. Bij hen komt
het eerst zilvergeld voor. Eene andere handelswaar, die ons juist geen hoog
denkbeeld geeft van de Phoeniciërs, bestond in menschen. Want ze
dreven eenen uitgebreiden handel in slaven, die ze niet zelfden roofden,
om ze met groote winst te kunnen verkoopen. Tal van Phoenicische
slavenhandelaars volgden de legers op de slagvelden, om krijgsgevan-
genen op te koopen.
De Phoeniciërs hebben door hun druk verkeer in de vroegste tijden
eenen grooten invloed uitgeoefend op de beschaving der Grieken, wat
nog merkbaar is aan de oude overblijfselen van Grieksche kunst en
ook aan het Grieksche letterschrift, dat aan hen is ontleend. Dat zij
zich niet alleen bepaalden tot de oostelijke deelen der Middellandsche
Zee, kan vooral hieruit blijken, dat ze overal aan die zee, op de kus-
ten en eilanden van Europa en Afrika, vaste nederzettingen hebben
gesticht, waarvan het aantal meer dan vijfhonderd "beliep.
De belangrijkste van al die koloniën werd Karthago, dat eenmaal
in het westelijk bekken van de Middellandsche Zee de heerschappij
voerde, tot het door het machtige Rome werd vernietigd. Ook in
Spanje, op Corsica en Sardinië, op Sicilië, aan de Zwarte
Zee trof men Phoenicische volkplantingen aan.