Boekgegevens
Titel: Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Auteur: Duijl, C.-F. van
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1893
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3530
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200556
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
21
tot woonplaatsen voor de priesters en de talrijke dienaren, die bij den
tempel behoorden.
Aan de voornaamste tempels waren ook inrichtingen verbonden, waar
de toekomstige priesters, geneesheeren, rechtsgeleerden en sterrenkundigen
niet alleen onderwijs ontvingen in de wetenschappen, die ze wenschten
te beoefenen, maar waar ze ook, als ze een' zekeren rang verworven
hadden, op kosten van den koning onderhouden konden worden, om
zich vrij en onbezorgd aan de studie van hun geliefkoosd vak over
te geven.
De geleerde priesters hadden eene bibliotheek te hunner beschikking;
deze bevatte soms duizenden beschreven rollen, alle van eene soort
papier, dat vervaardigd werd van de papyrusplant, zoodat bij de biblio-
theek in den regel ook eene papyrusfabriek behoorde. Sommige van deze
mannen der wetenschap hielden zich bezig met het geven van onder-
wijs aan de jongere scholieren. Aan den Seti-tempel te Thebe bijv.
was zulk eene lagereschool verbonden, die de zoons van alle vrije
burgers mochten bezoeken. Wilden de leerlingen, die deze school had-
den afgeloopen, eene hoogere inrichting van onderwijs bezoeken, dan
moesten zij een examen doen, net als bij ons. De stok speelde zeker
eene belangrijke rol op die scholen; althans een oud Egyptische
meester heeft ergens gezegd: „de ooren van een' leerling zitten op zijn
rug; hij hoort, als men hem slaat!" — Naast de scholen voor geleer-
den waren er ook inrichtingen, 'waar kunstenaars werden opgeleid en
vvaar onderwijs gegeven werd in de bouw-, beeldhouw- en schilderkunst.
(). EENE DOODENSTAD.
Hoogst merkwaardig is de wijze, waarop de Egyptenaren zorg
droegen voor hunne dooden. Ze werden niet, zooals bij andere
volken der oudheid, verbrand of begraven. Zij werden bijgezet in
afzonderlijk daartoe ingerichte rotsholen, nadat ze vooraf zorgvuldig
gebalsemd en zoo voor bederf bewaard waren. In dat balsemen hadden
de Egyptenaren het ver gebracht. Vele lijken zijn in den tegenwoor-