Boekgegevens
Titel: Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Auteur: Duijl, C.-F. van
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1893
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3530
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200556
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
13
behouden, dat hunne verwantschap nog heden ten dage duidelijk blijkt.
De volken, die ik hier op het oog heb, noemt men met éénen naam
Ariërs of Indo-Germanen. Tot deze groote afdeeling behooren
in de eerste plaats in Azië: de oude bewoners van Indië en van
Perziëj in Europa: de Kelten, — die bestaan als afzonderlijk volk
niet meer, maar de Franschen o. a. stammen daar voor een goed deel
van .af —, de Germanen, — dat zijn wij en de Duitschers, de
Engelschen, de Scandinaviërs —, de Slaven, waartoe de Polen en
de Russen behooren, de Grieken en de Romeinen, waarvan ik
u in dit boekje nog veel te vertellen zal hebben.
Al de volken, die ik daar genoemd heb, zijn dus familie van ons.
De opgave is wel niet volledig, maar voor 't recht begrip van de zaak
toch volledig genoeg.
Nu begrijpt ge wel, dat de taal niet het eenige middel is, om de
verwantschap tusschen volken en volken te herkennen. Er zijn zooveel
kenteekenen, waaruit men de overeenkomst of het verschil kan opmaken.
De vorm van den schedel, de groei van het haar, de kleur van de
huid, zietdaar maar enkele van de dingen, die men ten grondslag gelegd
heeft aan de verschillende verdeelingen. Zoo is men tot de overtuiging
gekomen, dat de Indo-Germanen weer familie hebben — verre
familie altijd — in de meeste volken, die buiten Europa om de Mid-
dellandsche Zee wonen. Daarom noemt men de Indo-Germanen met
die volken samen wel het Middellandsche ras. Daartoe behooren
dan de Semieten (Arabieren, Phoeniciërs, Israëlieten) en ook de
Hamieten (de oude Egyptenaren o. a.).
Een heel ander slag van menschen zijn de Mongolen, waartoe
O. a. de Chineezen en de Japanners gerekend worden. Zij vormen weer
eene groote groep op zich zelf. Die groep heeft ook in ons werelddeel
vertegenwoordigers: de Turken, de Hongaren, de Finnen, de Lappen
zijn Mongolen.
Verder zullen we hier niet gaan. De geschiedenis heeft bijna uitsluitend
te doen met de hoofdgroepen, die we genoemd hebben. En dan nog
meer voornamelijk met de Middellandsche volken, die in alle opzichten
de kroon spannen, wat aanleg en ontwikkeling betreft.