Boekgegevens
Titel: Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Auteur: Duijl, C.-F. van
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1893
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3530
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200556
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
11
3. FAMILIE VAN ONS.
Er zijn menschen en menschen. Ik bedoel, dal alle menschen niet
op elkander gelijken. De bewoners van eenzelfde land, hoe verschillend
ze ook mogen zijn, wanneer men ze man voor man met elkander ver-
gelijkt, vertoonen toch in den regel menigen trek van overeenkomst.
Maar wanneer men de grenzen van zijn vaderland overschrijdt en
andere landen bezoekt, komt men tot de overtuiging, dat ieder volk
zijne eigenaardigheden bezit. Nog meer valt die bijzonderheid in 't oog,
als men vreemde werelddeelen bereist. Een neger bijvoorbeeld is een
heel ander wezen dan een Europeaan, en een roodhuid in Amerika
wijkt in verschillende opzichten af van een' Chinees of een' Javaan. Men
<lrukt dat gewoonlijk uit door te zeggen, dat er verscheidene men-
schenrassen zijn. Of de menschen altijd zooveel van elkander verschild
hebben en of er een tijd geweest is, waarin maar één soort menschen
bestond van gelijke kleur, van gelijken.lichaamsbouw? Er zijn er, die
dat meenen en die overtuigd zijn, dat de eigenaardigheden, waardoor
tegenwoordig de verschillende rassen zich van elkander onderscheiden,
ontstaan zijn in den loop der eeuwen, toen de menschen zich over
den aardbol verspreidden en onder verschillende invloeden zich ont-
wikkelden. Maar aangezien men het over die zaak nog alles behalve
eens is, zullen wij er ons maar niet verder mee bemoeien en alleen
maar letten op de omstandigheid, dat er inderdaad veel verschil
bestaat tusschen de bewoners van onzen aardbol. Veel verschil, maar
toch ook veel overeenkomst.
Als er één ding is, waardoor de mensch zich onderscheidt van het
dier, dan is het dit: dat hij zijne gedachten in verstaanbare woorden
kan uitdrukken, dat hij eene geregelde taal bezit. Ieder volk spreekt
zijne eigene taal, en als ge geene vreemde talen geleerd hebt, kunt ge
met den besten wil der wereld geen Duitscher of Engelschman verstaan.
En 't zal u -dus wellicht eenigszins bevreemden, als ik zeg, dat de
woorden, waarvan die vreemdelingen zich bedienen en de zinnen,
waartoe ze die woorden samenvoegen, heel veel hebben van vele