Boekgegevens
Titel: Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Auteur: Duijl, C.-F. van
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1893
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3530
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200556
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
10
brons weten te bewerken dan ijzer, daar het ijzer moeilijker te smelten
is en ook in de natuur niet in gedegen toestand voorkomt. Nu vindt
men in het metaaltijdperk ook nog wel steenen werktuigen; 't been
en het hoorn, waarvan men in het steentijdperk vele sporen vindt,
verdwijnen evenwel hoe langer hoe meer.
Onder de bronzen en ijzeren voorwerpen, die men voor en na
gevonden heeft, verdienen in de eerste plaats vermelding de wapenen:
zwaarden, dolken, pijlspitsen en punten van lansen. Verder: messen,
zagen, vischhengels en andere kleinere werktuigen. Zeer rijk is de
voorraad versierselen, die men ontdekt heeft. Arm- en halsbanden,
haarnaalden en oorringen komen veelvuldig voor. Naast het brons
vindt men ook al vroeg goud; 't zilver schijnt eerst later in gebruik
te komen.
Uit enkele aanwijzingen kan men besluiten, dat de Egyptenaren
het ijzer wel al meer dan tweeduizend jaar voor Christus gebruikten.
Ook de Grieken moeten het al vroeg gekend hebben.
Onder de merkwaardige plaatsen in Europa, waar belangrijke over-
blijfselen gevonden zijn uit het metaaltijdperk, moet vooral genoemd
worden Hallstadt in Boven-Oostenrijk. Men heeft daar eene uitge-
strekte begraafplaats ontdekt in de nabijheid van de zich daar bevin-
dende zoutmijnen, welke waarschijnlijk al vroeg menschen tot zich
getrokken hebben. Naast heel of half verbrande lijken vond men er
ijzeren, bronzen, ook vele gouden voorwerpen, benevens sieraden van
glas, barnsteen, ivoor en klei.
Met de metaalmenschen, dat wil zeggen de menschen, die (ie
metalen bewerkten, komen we zoo zachtjes aan in tijden, waarvan
de geschiedenis 't een en ander — soms nog maar een heel klein
beetje — weet te vertellen. Soms maar een beetje, zeg ik. Want
van hetgeen in de oudste tijden, die men historisch noemt, is voor-
gevallen, weet ook de geschiedenis maar al te dikwijls nog het naadje
van de kous niet.