Boekgegevens
Titel: Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Auteur: Duijl, C.-F. van
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1893
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3530
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200556
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
III
wapenen van den gestorvene worden er naast gelegd en het geheel
bedekt met eenen heuvel van aarde en zand.
Ge behoeft niet bevreesd te zijn, dat we op onze wandeling slecht
ontvangen zullen worden; want de gastvrijheid is eene der eerste
plichten, die de Germaan meent te moeten uitoefenen. Of we bekenden
zijn of vreemdelingen, daar zal hij niet naar vragen; maar hij zal ons
eene plaats inruimen] in zijne hut en hij zal ons een deel afstaan
van zijnen maaltijd, alsof we oude vrienden van hem waren. Dien
maaltijd zullen we misschien niet bijzonder fijn vinden, als we uit
Rome komen; maar hij is voedzaam genoeg. Veldvruchten, melkspijzen,
wildbraad en visch, zietdaar de hoofdbestanddeelen er van. Onze gastheer
is een welgesteld man. Geld heeft hij niet: dat zullen de Germanen
later eerst krijgen en leeren gebruiken, als ze meer met de Romeinen
in aanraking komen; maar hij bezit eenen fraaien voorraad wapeneii
van steen en van brons, ook wel van ijzer en verscheidene paarden
en runderen en schapen. Zijn vee gebruikt hij als ruilmiddel.
De godsdienst der Germanen is zeer eenvoudig. Ik zal u hier niet
opsommen, welke goden zij aanbidden; later ben ik nog weieens in de
gelegenheid u mede te deelen, dat het geloof van onze oude voorvaderen
bij ons zelfs nog wel sporen heeft nagelaten. Tempels kennen zij niet;
maar zij verrichten hunne godsdienstige plechtigheden in het dichte
woud, in de schaduw der eeuwenoude eiken.
Als de Germanen later met de Romeinen en hunne beschaving meer
van nabij bekend worden, komen er wel enkele veranderingen in de
toestanden, die we daar even hebben ontmoet. De landbouw ontwikkelt
zich, wegen worden aangelegd en kanalen graven, om het verkeer te
bevorderen, marktplaatsen verrijzen en sterkten, die tot steden aan-
groeien. Maar nog lang blijft de Germaan de vrije schoone natuur
beminnen boven de enge straten en de bedompte huizen der steden.
Zelfs te midden der weelde en der heerlijkheid van de Romeinsche
wereld behoudt hij zijn eigenaardig karakter, dat zich later zoo duidelijk
zal vertoonen in zijne gedichten en zijne bouwwerken.