Boekgegevens
Titel: Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Auteur: Duijl, C.-F. van
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1893
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3530
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200556
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis: een leesboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
104
aardsche doolhof van straten en stegen, als 't ware, die elkander in
alle richtingen kruisen. Want over 't geheel is de aanleg zeer onregel-
matig en niet naar een vast plan uitgevoerd. Op enkele plaatsen liggen
ze in verscheidene verdiepingen boven elkander. Hoe ze ontstaan zijn?
Sommige gangen, die in haren aanleg de meeste onregelmatigheid en
de grootste willekeur verraden, zijn zeer zeker steengroeven. De oude
Romeinen haalden daaruit de steenen, die zij noodig hadden voor
den bouw van hunne woningen. Maar andere, die veel meer orde en
regelmaat vertoonen, zijn later dan de overige en met een bepaald doel
aangelegd. De reden er van is deze: de catacomben zijn gebruikt
door de eerste Christenen als begraafplaatsen. Zooals ge weet, was het
bij de oude Romeinen gebruik de dooden zoowel te verbranden als te
begraven. Maar de Christenen verbrandden de lijken van hunne afge-
storvenen niet; zij begroeven ze altijd. En als één der hunnen als
martelaar onder de vervolgingen der Romeinsche keizers bezweken was,
droegen ze zorgj zijn lijk met de grootste plechtigheid bij te zetten.
Waar zouden ze dat doen? Niet onder het oog van hunne wreede ver-
volgers; maar op eene plaats, die beveiligd was tegen alle mogelijke
aanvallen. Ze kozen daartoe de steengroeven, die reeds aanwezig waren.
En als een ander lid van de christelijke gemeente stierf, kon men hem
nergens beter eene laatste rustplaats geven, dan in de nabijheid van de
plek, waar ook de martelaren voor het geloof waren begraven. Zoo
ontstonden de eerste gemeenschappelijke begraafplaatsen. Maar toen de
kerk begon te zegevieren over hare tegenstanders en toen de Christenen
zich openlijk durfden vertoonen, bleef de gewoonte nog bestaan, om de
dooden bij te zetten op dezelfde plaats, waar de overblijfselen der eerste
Christenen waren begraven. En zoo groef men nieuwe gangen en{nieuwe
graven; maar nu naar een bepaald plan.
De ingang tot de catacomben is tegenwoordig op vele plaatsen ver-
sperd. Want er zijn gevaren verbonden aan het doorwandelen van die
doodenstad. Soms ontmoet men dan ook een ijzeren hek, dat den
doorgang verbiedt, omdat de ruimte, die er achter ligt, door instorting
van de gewelven reeds het leven gekost heeft aan dezen of genen be-
zoeker. Sommige toegangen bevinden zich in of bij de kerken, die later
op Rome's bodem verrezen zijn, andere in de wijngaarden, die de