Boekgegevens
Titel: Do you speak English? (Spreekt gij Engelsch?) of De nuttigste en noodzakelijkste Engelsch-Nederduitsche gesprekken en zegswijzen
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Amsterdam: gebr. Binger, 1857
2e, herz. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3423
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200544
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Do you speak English? (Spreekt gij Engelsch?) of De nuttigste en noodzakelijkste Engelsch-Nederduitsche gesprekken en zegswijzen
Vorige scan Volgende scanScanned page
12
Until.... o'clock.
When will it arrive in London?
It will reach London on Thurs-
day evening.
But can I not get it there by
Wednesday?
It cannot arrive before Thurs-
day, sir.
That is very inconvenient, as it
is of great importance.
Is your letter ready, sir?
No, but I shall not be long
in writing it.
You had better make haste, or
you may be too late.
(rive mc a sheet of paper, and
a pen and some ink.
This pen is too thick, I cannot
write with it.
Give me a steel-pen.
What is the day of the month?
It is the tenth, sir.
Give me some sealing-wax.
I have forgotten my seai, can you
lend me one?
1 will get one for you, sir.
John, take this letter to the
post-office, and ask if there
are any letters for mc.
Do you wish to pay the postage,
sir?
Certainly, pay it.
Tot.... uur.
Wanneer komt de brief te Lon-
den aan?
Hij zal Donderdag avond aan-
komen.
Maar kan ik hem daar Woens-
dag niet hebben ?
Hij kan er niet voor Donderdag
zijn, Mijnheer!
Dat is zeer onaangenaam, want het
is een brief van groot belang.
Is uw brief gereed, mijnheer?
Neen, maar ik behoef niet veel
tijd om hem te schrijven.
Gij moogt u wel haasten, an-
ders zoudt gij den post kun-
nen verzuimen.
Geef mij een vel papier, en pen
en inkt.
Deze pen schrijft te grof, ik
kan er niet mee voort.
Geef mij eene stalen pen.
De hoeveelste is het van daag?
De tiende, mijnheer!
Geef mij eeu stukje lak.
Ik heb mijn cachet vergeten^
hebt gij er een voor mij ter
leen?
Ik zal er een halen.
Jan, breng dezen brief naar den
post, en vraag, of er ook brie-
ven voor mij zijn.
Wilt gij hem frankeren, mijn-
heer?
Wel zeker, frankeer hem.