Boekgegevens
Titel: Do you speak English? (Spreekt gij Engelsch?) of De nuttigste en noodzakelijkste Engelsch-Nederduitsche gesprekken en zegswijzen
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Amsterdam: gebr. Binger, 1857
2e, herz. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3423
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200544
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Do you speak English? (Spreekt gij Engelsch?) of De nuttigste en noodzakelijkste Engelsch-Nederduitsche gesprekken en zegswijzen
Vorige scan Volgende scanScanned page
12
refiners employed in England ; men veel hollandsche suiker-
and France. ; raffineerders in dienst.
Will you take any thing else? I Wilt ge nog iets gebruiken?
No, I thank you, 1 have had Neen, ik dank u, ik heb mijne
sufficient.
I have made an excellent break-
fast.
Dinner.
I hope you will stay to dinner
with me.
You are very kind, but I am I
not sufficiently dressed.
That is of no consequence,
we -shall be by ourselves;
my wife and children arc
in the country.
Well then, I will keep you
company.
I must iutreat you not to in-
convenience yourself on my
account.
Do not fear any thing of the
kind.
Do you like rice-soup, or would
you rather have macaroni-
soup?
If you please, I will thank
you for some pease-soup.
This soup is excellent.
What shall I help you to?
tl you pleasft, a piece of roast
beef.
bekomst.
Ik lieb een heerlijk ontbijt ge-
daan.
liet middagmaal.
Gij zult, naar ik hoop, dezen
middag bij mij eten.
Gij zijt zeer vriendelijk, maar
ik ben niet er naar gekleed.
Dat komt er niet op aan, wij
zullen alleen zijn; mijne
vrouw en kinderen zijn op
de buitenplaats.
Welnu, ik zal u gezelschap
houden.
Maar ik moet u bidden, mij-
nenthalve geen omslag te ma-
ken.
Daarvoor hebt gij niet te vree-
zen.
Lust gij gaarne rijstsoep, of
wilt gij liever vermicellisoep?
Als gij het mij toestaat, zal
ik u om erwtjessoep verzoe-
ken.
Deze soep is overheerlijk.
Wat mag ik u toedienen?
Een stukje gebraden vleesch, als
gij de goedheid wilt hebben.