Boekgegevens
Titel: Do you speak English? (Spreekt gij Engelsch?) of De nuttigste en noodzakelijkste Engelsch-Nederduitsche gesprekken en zegswijzen
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Amsterdam: gebr. Binger, 1857
2e, herz. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3423
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200544
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Do you speak English? (Spreekt gij Engelsch?) of De nuttigste en noodzakelijkste Engelsch-Nederduitsche gesprekken en zegswijzen
Vorige scan Volgende scanScanned page
12
I am afraid we shall have a
thunder-storm.
I should not be surprised, as
it is excessively warm.
What unsettled weather we
have had lately !
What beautiful weather- we have
lately enjoyed!
Do you hear the wind?
See how it is clearing up.
There are now-, no clouds to
be seen.
The sun already shines.
I think we shall have a very
hot day.
I hope we shall have some fine
weather.
I do not like so much wet
weather at this season.
But it is very much wanted for
agriculture.
Taking leave.
I am very sorry that I cannot
enjoy your company any longer.
I must bid you good bye.
Are you in so great a hurry?
I have very important busi-
ness to perform.
1 have pressing business.
You surely can slay a few
minutes longer.
Ik vrees dat we onweder be-
komen.
Het zou mij niet verwonderen ,
want het is bovenmatig heet.
Hoe onbestendig was dit weer
toch kortelings!
Hoe mooi weer hebben we nu
sinds kort!
Hoort gij den wind?
Ziet ge, hoe het opheldert.
Er zijn geene wolken meer te
zien.
De zon schijnt reeds.
Ik denk, dat wij een' warmen
dag zullen hebben.
Ik hoop dat we mooi weer
zullen hebben.
Ik houd niet van dat vochtige weer
in dezen tijd van het jaar.
Maar voor den landbouw is het
zeer noodig.
Om afscheid te
nemen.
Het doet mij ten hoogste leed ,
niet langer het genot van uw
gezelschap te kunnen smaken.
Ik moet u thans verlaten.
Hebt gij zulk een' haast ?
Ik heb iets noodzakelijks te
verrigten.
Ik heb dringende bezigheden.
Gij zult wel nog eenige oogen-
blikken kunneu toeven.