Boekgegevens
Titel: Do you speak English? (Spreekt gij Engelsch?) of De nuttigste en noodzakelijkste Engelsch-Nederduitsche gesprekken en zegswijzen
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Amsterdam: gebr. Binger, 1857
2e, herz. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3423
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200544
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Do you speak English? (Spreekt gij Engelsch?) of De nuttigste en noodzakelijkste Engelsch-Nederduitsche gesprekken en zegswijzen
Vorige scan Volgende scanScanned page
103
You are right.
What do you say?
Have you heard?
Do not refuse my request.
I beg you for it.
It is a trifling service I render to
you.
You do me too much honour.
Dispose of your servant.
If it be agreeable to you.
Voluntarily! Why not?
Very willingly.
Do but command!
Would you be so kind as to show
(do) me this service?
Give me a hearing.
Do mc this honour.
Show mc this friendship.
You would be very kind to do this.
1 shall be thankful to you for it.
T am glad of it.
1 am glad of being useful to you.
U gives mc great satisfaction.
Depend upon mc.
You may count upon mc.
You couldn't do mc a greater
favour.
Take it as a feeble token of
my gratitude.
I am certain of it.
1 know it positively.
1 promise it you.
You arc not wrong (in (iie wrong).
Gij hebt gelijk.
W^at zegt gij?
Hebt gij gehoord ?
Weiger mijn verzoek niet.
Ik bid u cr om.
De dienst is gering, die ik be-
toon.
Gij bewijst mij al te veel cor.
Gij kunt over mij beschikken.
Zoo het u behaagt.
Gaarne! Waarom niet?
Zeer gaarne.
Gij hebt slechts tc bevelen!
Zoudt gij mij deze dienst wri
willen betooncn ?
Hoor mij aan.
Bewijs mij deze eer.
Bewijs mij deze vriendschap.
Gij zoudt wel vriendelijk zijn, dil
tc doen.
Ik zal u dankbaar cr voor wezen.
Ik verheug mij er over.
Het verheugt mij, u nuttig <<
kunnen wezen,
liet verschaft mij veel genoegen.
Verlaat u op mij.
Gij kunt op mij rekenen.
Gij zoudt mij gecue grootorc,
dienst kunnen doen.
Xeem het als een gering be-
wijs mijner crkentelijklicidaan.
Ik ben er van verzekerd.
Ik weet het stellig.
Ik beloof het u.
Gij hebt geen ongelijk.