Boekgegevens
Titel: Rekenkunstige vraagstukken en oefeningen
Deel: Derde 250-tal
Auteur: Donck, J.J.C.
Uitgave: Haarlem: de erven Loosjes, 1874
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3378
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200532
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rekenkunstige vraagstukken en oefeningen
Vorige scan Volgende scanScanned page
30
uitgedrukt worden door 2 : 1 of 3 : 1; terwijl de ver-
houding tussehen het aantal schapen en runderen is 28 :11.
Men vraagt naar den Italiaanschen veestapel.
141. In 1870 liepen in de haven van Zanzibar binnen
Engelsehe, Duitsche, Eransche, Amerikaansche, Portu-
geesche en Arabische schepen. Er zijn 3inaal zooveel
Duitsche als Portug.; l|[naal zooveel Engelsche als Fran-
sche schepen; terwijl het product der getallen, die de
Amerikaansche en Arabische schepen aanduiden, 24 is.
Indien het aantal Duitsche schepen rekenk. middelevenredig
is tussehen het aantal Engelsche en Fransehe schepen en
van het aantal Portugeesche hetzelfde kan gezegd worden
ten opzichte der beide andere «aantallen, vraagt men naar
de bedoelde aantallen.
142. De uitvoer uit de haven van Zanzibar bedroeg aan
gierst, nagelbloemen, copal en sésangraan samen voor
928000 Thaler van 5 Fr. 26 c. De rekenk. middeleven-
redige van de getallen, die de beide eerstgenoemde artikelen
vertegenwoordigen, verhoudt zich tot die der beide andere
artikelen als 253 : 211. Als de beide eerste posten 30000
Thaler verschillen en dit verschil zich verhoudt tot dat der
beide laatste posten als 15 : 11, verlangt men te weten,
wat de uitvoer bedraagt der genoemde artikelen.
143. Verder werd uit bovengenoemde haven nog uit-
gevoerd voor 146000 Thaler aan huiden ; aan olifantstanden
en kokosolie voor ^100 X + ^10 X Thaler
meer dan het in het vorige vraagstuk genoemd bedrag.
Zoo de rekenk. middelevenredige van de getallen, die het
bedrag der beide eerste artikelen uitdrukken, 505000 en
die van het bedrag der beide laatste 140000 is, vraagt
men hoeveel de waarde der genoemde artikelen bedraagt.
144. Ware het eiland Timor 37 □ geogr. mijlen kleiner
of 12 □ geogr. mijlen grooter, dan zou in beide gevallen