Boekgegevens
Titel: Rekenkunstige vraagstukken en oefeningen
Deel: Derde 250-tal
Auteur: Donck, J.J.C.
Uitgave: Haarlem: de erven Loosjes, 1874
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3378
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200532
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rekenkunstige vraagstukken en oefeningen
Vorige scan Volgende scanScanned page
16
71. De in het vorige vraagstuk genoemde onderwijzers
(mannelijke en vrouwelijke) zijn openbare en bijzondere.
Trekt men het aantal van elk dezer klassen af van hunne
som, dan staan de komende verschillen tot elkander als
1519 : 5718. Hoeveel openbare, hoeveel bijzondere onder-
wijzers zijn er ?
72. Het aantal scholen , waarin de in opgave 68 bedoelde
leerlingen worden onderwezen, zijn verdeeld in jongens-
en meisjesscholen. Van de laatste zijn er 1000 minder
dan van de eerste. Verdeelt men de getallen die genoemde
scholen aanwijzen in duizendtallen en eenheden, dan is het
aantal duizendtallen van het eerste getal 17f en van het
tweede getal ISmaal op de eenheden begrepen. Ware het
aantal eenheden van het eerste getal 3 minder, dan zou
het genoemde quotiënt geen 17 f maar 17 geweest zijn.
Men vraagt naar het aantal bedoelde scholen.
73. Het aantal marmergroeven, dat te Carrara geëxploi-
teerd wordt, en welke onder andere prachtige marmer-
soorten, ook het helder witte marmer, oplevert, dat de
beeldhouwers gebruiken, wordt uitgedrukt door het dubbel
van het driehoekige getal, welks wortel 24 is. De prijs
van deze laatste marmersoort kost per M^ een getal gul-
dens, dat in twee talstelsels, welker grondtallen 3 ver-
schillen, uitgedrukt wordt door 246 en 127. Hoeveel
groeven en welken prijs wordt bedoeld ?
74. In de meetkunde bewijst men, dat de inhoud van
een bol gevonden wordt als men maal de 3cle macht
van de straal des bols vermenigvuldigt met de verhouding
van omtrek en middellijn. Hoe leidt ge daaruit af, dat de
inhoud van den kubus, waarin de bol past, staat tot den
inhoud van dien bol als 21:11?
75. Van het aantal personen, die in 1872 in Rusland
in staat van beschuldiging werden gesteld kon 52-|-|||- pCt.
niet lezen of schrijven; de andere verstonden dit min of