Boekgegevens
Titel: De rijken der natuur: handboekje voor de lagere scholen
Auteur: Degenhardt, W.
Uitgave: Amsterdam: J.M.E. & G.H. Meijer, 1884
8e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3119
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200477
Onderwerp: Biologie: natuurlijke historie
Trefwoord: Natuurlijke historie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De rijken der natuur: handboekje voor de lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
NATUURLIJKE HISTORIE.
De NatuurUj'ke ïlisiorie doet de voorwerpen der Natuur kennen.
Natuur is alles, wat ons omringt en niet door menschen is gemaakt»
Voorwerpen noemen wij alles, wat eene plaats inneemt.
T)e voorwerpen der Natuur wordeii verdeeld in drie groote afdeelingen,
welke dijken der Natuur genoemd worden.
De drie Rijken der Natuur zijn:
. IIKT JlTKRKNni.TK,
HET riANTEXRIJK On
HET DELFSTOFFENRIJK.
Alle voorwerpen uit het dieren- en uit het plantenrijk leven en
worden daarom levende, de overige voorwerpen levenlooze genoemd.
De levende voorwerpen (dieren en planten) hebben organen.
Organm zijn de werktuigen, waardoor bepaalde verrichtingen bij
dieren en planten plaats hebben.
Organen bij de dieren zijn: het ooy, het oor, de spieren, de zenuwen^
de longen.
Organen bij de planten zijn: de wortel, de stengel, de Haderen^ de
hloem.
De delfstoffen hebben geene organen en heeten daarom onbewerkt
tuigde voorwerpen.
I. HET DIERENRIJK.
Tot het dierenrijk bebooren alle voorwerpen der natuur, welko
gevoelen en eene willekeurige beweging hebben.
De werktuigen van bet gevoel zijn de zenuwen.
De werktuigen van de willekeurige beweging zijn de spieren.
Zenuwen zijn bundels van fijne buisjes, die door het geheele lichaam
loopen en hun oorsprong hebben in de hersenen en in het ruggemerg.
De zenuwen, die uit de hersenen ontspringen, hebben vooral betrekking
op het gezicht, het gehoor, den reuk en den smaak.
De zenuwen, die uit het roggemerg komen, zijn vooral bij het gevóél
in werking.
De beenderen, waardoor de hersenen omgeven worden, heeten schedel^
het omkleedsel van het ruggemerg heet ruggegraat of wervelkolom.
r