Boekgegevens
Titel: Help u zelf op reis met Duitsch: een handboekje voor hen, die Duitsch moeten of willen spreken
Auteur: Bruin, Servaas de
Uitgave: Heusden: L.J. Veerman, ca. 1905 *
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-29
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200416
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Woordenboeken (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Help u zelf op reis met Duitsch: een handboekje voor hen, die Duitsch moeten of willen spreken
Vorige scan Volgende scanScanned page
'218
roedingsmiddel, das Nah"-
rungsmit'tel, 2.
voedsel, die Nah'rung,
die Spei'se.
voedsteren, ernah'ren,
pflégen.
voedsterling, das Pfle"ge-
kind', 3.
voedzaam, nahr'haft.
voedzaamheid,
die Nahr"haftigkeit'.
voeg, die Fu'ge, 5.
zich voegen naar,
sich schic'ken in.
voegzaam, füg'lich.
voelen, füh'len.
voer, (ivagenrracht:) das
Fu'der, 2 ; (voeder:) das
Fut'ter.
voeren, (voederen:) füt'-
tern; (leiden:) füh'ren;
(met voering-.) füt'tern.
voering, das Fut'ter.
de voet. der Fuss, 1*;
de roeten, die Fü'sse.
/der Wan'-
dersmann'
(mrv. -leute) ;
der Wan'de-
rer, 2; der
Fuss"gan'-
i ger, 2.
voetpad, der Fuss'pfad, 1,
der Fuss'steig, 1, der
Fuss'weg, 1.
voeteerder,
voetganger.
i-oe<s/)oor, die Fuss'spur, 5.
voetvolk', das Fuss'volk.
vogel, der Vo'gel, 2*.
vogelkooi, der Kä'fig, 1;
das Bau'er, 2.
volslagen, völ'lig.
vogelkooper,
Vo"ge]hiind'ler, 2.
vogelverschrikker, die
Vo'gelscheu'che, 5.
vogelvrij verklaren,
vo"gelfrei' erklä'ren.
voile, der Schiei'er, 2.
vol, voll.
volbloed, voll'blut.
volbloedig. volF'blü'tig.
volbrengen, vollbrin'gen.
volbrenger, der Vollbrin'-
ger, 2.
voldaan, (bevredigd:) be-
frie'digt; (betaald:) be-
zahlt' ; (gewoonlijk onder
rekeningen:) bezahlt',
erhal'ten.
voldingend, überzeu'gend.
voldoen, (bevredigen:) be-
frie'digen, genü'gen;
(betalen:) bezah'len;
(bevallen:) gefal'len.
voldoende, genü'gend,
hinläng'lich.
voldoening, die Befrie'di-
gung; (betaling:) die
Bezah'lung, die Zah'-
lung.