Boekgegevens
Titel: Help u zelf op reis met Duitsch: een handboekje voor hen, die Duitsch moeten of willen spreken
Auteur: Bruin, Servaas de
Uitgave: Heusden: L.J. Veerman, ca. 1905 *
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-29
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200416
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Woordenboeken (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Help u zelf op reis met Duitsch: een handboekje voor hen, die Duitsch moeten of willen spreken
Vorige scan Volgende scanScanned page
'208
verrukt, ent'zückt'.
verrijken, berei'chern.
verrijzen, sich erhe'ben.
verrijzenis, die Auferste-
hung.
vers, der Vers, 1.
versch, frisch.
verschaffen, verschaffen.
verschalken, überli'sten.
verschansing,
die Verschan'zung, 5.
verscheidene,
verschie'dene.
verschenen, (wissels:) ver-
fallen ; {nieuwe hoeken:)
erschie'nen.
verscheuren, zerrei'ssen.
verscheurend dier,
das rei'ssende Tier, 1.
het verschiet, die Aus'sicht.
verschieten, verschie'ssen;
(ieene?i;)vor"schie's5en;
{verkleuren:) verschie'-
ssen, erblei'chen.
verschil, der Un'terschied.
verschillen,
verschie'den sein.
verschillend, verschie'den.
verscholen, versteekt'.
verschoonbaar, verzeih'-
lich, zu entschuldi-
gen.
verschoonen,
entschul'digen.
zich verschoonen, rei'ne
Wä'sche an"zie'hen.
verschooning, die Ent-
schul'digung, 5.
verschot, {verscheidenheid:)
die Verschie'denhcit,5;
{uitgeschoten geld:) die
Aus"la'ge, 5.
verschrikkelijk,
schreck'lich.
verschrikken,
erschrec'ken.
verschrikking, der Schrec'-
ken, 2; die Erschrek'-
kung, 5.
verschrikt, erschreckt'.
verschuiven,
auf'schie'ben.
verschuldigd, schul'dig.
verschijnen, erschei'nen.
verschijning,
die Erschei'nung, o.
verschijnsel,
das Phänomen', 1.
versieren, zie'ren.
versiersel, der Zie'rat, 1.
verslaafd aan, erge'ben
{met datief),
verslaan, schla'gen.
dMrst verslaan, den Durst
lö'schen.
verslag doen van.
Bericht" erstat'ten von.
verslapen, verschla'fen.
zich verslapen,
zu lan'ge schla'fen.